Deutsch-Niederländisch

G

gab = gaf = bestond = bestonden ...
gab aus = besteed ...
gab bekannt = annonceerde ...
gab es = bestond = bestonden = was er ...
gab es nicht = was er niet bij ...
Gabe = gave = gift ...
Gabel = vork = bekje = vorkje ...
Gabelbaum = surfgiek ...
Gäbelchen = vorkje = vorkjes ...
Gabeln = vorken = vorkjes ...
Gabelstapler = truck = trucks ...
Gabelstaplern = trucks ...
Gabelstaplers = truck ...
Gaben = giften = gaf = gaven ...
gabst = gaf ...
gabt = gaven ...
gackern = kakelen ...
gackerst = kakel = kakelt ...
gackert = kakelen = kakelt ...
gackerte = kakelde ...
gackerten = kakelden ...
gackertest = kakelde ...
gaffe = gaap ...
Gaffel = gaffel = gaffeltje ...
Gaffelende = gaffeleinde ...
gaffelgetakelt = gaffelgetuigd ...
Gaffelkutter = gaffelgetuigde kotter ...
Gaffeln = gaffels ...
Gaffelschoner = gaffelschoener = gaffelschoeners ...
Gaffelschonern = gaffelschoeners ...
Gaffelsegel = gaffelzeil = gaffelzeilen ...
Gaffelsegeln = gaffelzeilen ...
gaffelslupgetakelt = gaffelsloepgetuigd ...
gaffelslupgetakelte = gaffelsloepgetuigde ...
Gaffeltoppsegel = gaffeltopzeil = gaffeltopzeilen ...
Gaffeltoppsegelschoner = gaffeltopzeilschoener = gaffeltopzeilschoeners ...
Gaffeltoppsegelschonern = gaffeltopzeilschoeners ...
gaffen = gapen = gaapt ...
gaffst = gaap = gaapt ...
gafft = gaapt = gapen ...
gaffte = gaapte ...
gafften = gaapte = gaapten ...
gafftest = gaapte ...
gafftet = gaapten ...
gähne = gaap = geeuw ...
gähnen = gapen = geeuw = geeuwen = gaapt = geeuwt ...
gähnend = gapend = geeuwend ...
gähnende = gapend = gapende = geeuwende ...
gähnendem = gapend = gapende ...
gähnenden = gapend = gapende = geeuwend = geeuwende ...
gähnender = gapend = gapende = geeuwende ...
gähnendes = gapend = gapende = geeuwend = geeuwende ...
gähnst = gaap = gaapt = geeuw = geeuwt ...
gähnt = gaapt = gapen = geeuwen = geeuwt ...
gähnte = gaapte = geeuwde ...
gähnten = gaapte = gaapten = geeuwde = geeuwden ...
gähntest = gaapte = geeuwde ...
gähntet = gaapten = geeuwden ...
galant = galant = hoffelijk ...
galante = galant = galante ...
galantem = galant = galante ...
galanten = galant = galante ...
galanter = galant = galante ...
galantes = galant = galante ...
Galeere = galei ...
Galerie = galerij ...
Galgen = galg = galgen ...
Galgens = galg ...
Galle = gal ...
Gallen = gallen ...
Gallenblase = galblaas ...
Gallenflüssigkeit = gal ...
Gallenstein = galsteen ...
Gallensteine = galstenen ...
Gallensteinen = galstenen ...
Gallensteins = galsteen ...
Gallert = gelei ...
gallig = galachtig ...
Galopp = galop ...
galoppiere = galoppeer ...
galoppieren = galoppeert = galopperen ...
galoppierst = galoppeer = galoppeert ...
galoppiert = galoppeert = galopperen = gegaloppeerd ...
galoppierte = galoppeerde ...
galoppierten = galoppeerde = galoppeerden ...
galoppiertest = galoppeerde ...
galoppiertet = galoppeerden ...
Galopps = galop ...
galt = gold ...
galten = gold = golden ...
galtest = gold ...
galtet = golden ...
galvanisieren = galvaniseren ...
galvanisiert = galvaniseert = gegalvaniseerd ...
galvanisierte = gegalvaniseerd = gegalvaniseerde ...
galvanisiertem = gegalvaniseerd = gegalvaniseerde ...
galvanisierten = gegalvaniseerd = gegalvaniseerde ...
galvanisierter = gegalvaniseerd = gegalvaniseerde ...
galvanisiertes = gegalvaniseerd = gegalvaniseerde ...
Gamasche = slobkous ...
Gamaschen = beenkappen = slobkousen ...
Gammler = nietsnut = nozem = nozems ...
Gammlern = nozems ...
Gammlers = nozem ...
Gang = gang = loop = versnelling = verzet ...
gangbar = courant = gangbaar ...
gangbare = gangbare ...
Gangbord = gangboord ...
Gänge = versnellingen ...
gängele = betuttel ...
gängeln = betuttelen = betuttelt ...
gängelst = betuttel = betuttelt ...
gängelt = betuttelen = betuttelt ...
gängelte = betuttelde ...
gängelten = betuttelde = betuttelden ...
gängeltest = betuttelde ...
gängeltet = betuttelden ...
Ganghöhe = spoed ...
gängig = gangbaar = geijkt ...
gängige = gangbaar = gangbare = geijkt = geijkte ...
gängigem = geijkt = geijkte ...
gängigen = gangbaar = gangbare = geijkt = geijkte ...
gängiger = gangbaar = gangbare = geijkt = geijkte ...
gängiges = gangbaar = gangbare = geijkt = geijkte ...
Gangspill = kaapstander = windas ...
Gangspills = windas ...
Gangster = gangster ...
Gangway = loopplank ...
Gangways = loopplanken ...
Gans = gans*Tier = gans ...
Gänschen = gansje ...
Gänse = gans = ganzen ...
Gänseblümchen = madeliefje = madeliefjes ...
Gänseeier = ganzeeieren ...
Gänsefüßchen = aanhalingsteken ...
Gänsehaut = kippevel ...
Gänseküken = gansje ...
Gänseleber = ganzelever ...
Gänsen = ganzen ...
Gänserich = gent ...
Gänsestall = ganzehokken ...
Ganter = gent ...
ganz = gaaf = gans = geheel = heel = een en al = hartstikke = helemaal = op en top = voluit = wel = wèl = zeer ...
ganz absichtslos = zonder de minste bedoeling ...
ganz allein = op zijn eentje ...
ganz ausnahmsweise = bij hoge uitzondering ...
ganz besonders = bij uitstek = wonder ...
ganz bewußt = welbewust ...
ganz bewußte = welbewust = welbewuste ...
ganz bewußtem = welbewust = welbewuste ...
ganz bewußten = welbewust = welbewuste ...
ganz bewußter = welbewust = welbewuste ...
ganz bewußtes = welbewust = welbewuste ...
ganz einfach = eenvoudigweg ...
ganz gewiß = vast en zeker ...
ganz gut = heel goed ...
ganz nahe = vlak bij = rakelings ...
ganz und gar = geheel en al = op-en-top = een en al = hardstikke = hartstikke = lijnrecht ...
ganz wenig = ietsje ...
ganze = hele = geheel = gehele ...
ganze Arbeit machen = iets flink aanpakken ...
ganzem = hele ...
Ganzen = geheel = gehele = hele ...
ganzer = heele = gehele = hele ...
Ganzes = geheel = gehele = hele ...
ganzheitliche = algehele ...
ganzjährig = het hele jaar door ...
gänzlich = finaal = volkomen = helemaal ...
gar = gaar = hartstikke ...
gar zu sehr = al te zeer ...
Garage = garage = stalling ...
Garantie = garantie = garanties = waarborg ...
Garantiefrist = garantietermijn ...
garantiere = garandeer ...
garantieren = garanderen = waarborgen = garandeert ...
garantierst = garandeer = garandeert ...
garantiert = garandeert = garanderen = gegarandeerd ...
garantierte = gegarandeerde = garandeerde = gegarandeerd ...
garantiertem = gegarandeerd = gegarandeerde ...
garantierten = garandeerde = garandeerden = gegarandeerd = gegarandeerde ...
garantierter = gegarandeerd = gegarandeerde ...
garantiertes = gegarandeerd = gegarandeerde ...
garantiertest = garandeerde ...
garantiertet = garandeerden ...
Garantieschein = garantiebewijs ...
Garbe = garve = schoof = garf ...
Garben = garven ...
Garderobe = vestiaire = kapstok ...
Garderobenfrau = vestiairejuffrouw ...
Garderobenmarke = garderobepenning ...
Garderobenmarken = garderobepenningen ...
Gardine = gordijn ...
gare = gaar = gare ...
garem = gaar = gare ...
garen = gaaren = gaar = gare ...
gären = broeien = gisten ...
garer = gaar = gare ...
gares = gaar = gare ...
Gärfutter = kuilvoer ...
Garn = garen ...
Garne = garens ...
Garneelen = garnalen ...
Garnele = garnaal ...
Garnelen = garnalen ...
Garnen = garens ...
garnieren = garneren ...
Garnierung = garnering ...
Garnierungen = garneringen ...
Garnison = garnizoen ...
Garnitur = stel = gevalletje = stelletje ...
Garnrolle = klos ...
garstig = vuns = onguur ...
garstige = ongure = onguur ...
garstigem = ongure = onguur ...
garstigen = ongure = onguur ...
garstiger = ongure = onguur ...
garstiges = ongure = onguur ...
gärt = gist ...
gärte = gistte ...
Garten = tuin = hof ...
gärten = gistten = hoven = tuinen ...
Gartenbau = tuinbouw ...
Gartenbaus = tuinbouw ...
Gartenbohnen = tuinbonen ...
Gartens = hof ...
Gartenschlauch = tuinslang ...
Gartenschläuche = tuinslangen ...
Gartentor = hek ...
Gärtner = tuinier = tuinman = tuinder = tuiniers = tuinmannen ...
Gärtnerei = bloemisterij = kwekerij ...
Gärtnereien = kwekerijen ...
Gärtnern = tuiniers = tuinmannen ...
Gärtners = tuinman ...
Gärung = gisting ...
Gärungsindustrie = gistindustrie ...
Gärungsprozeß = gisting ...
Gasanlage = gasinstallatie ...
Gasaustritt = gasontsnapping ...
Gasbrand = gasbrand ...
Gasbrände = gasbranden ...
Gäßchen = steegje = steegjes ...
gaschmackvollen = smaakvolle ...
Gasdetektor = gasdetector ...
Gasdetektoren = gasdetectoren ...
Gase = gassen ...
Gasen = gassen ...
Gasexplosion = gasexplosie ...
Gasflasche = gasfles ...
Gasflaschen = gasflessen ...
gasförmig = gasachtig ...
Gasgerät = gastoestel ...
Gasgeräte = gastoestellen ...
Gasgeräten = gastoestellen ...
Gashahn = gaskraan ...
Gashähne = gaskranen ...
Gashebel = gashandel = gashandels ...
Gashebeln = gashandels ...
Gasherd = gasfornuis ...
Gasherde = gasfornuizen ...
Gasherden = gasfornuizen ...
Gasherds = gasfornuis ...
Gashülle = dampkring ...
Gasinstallation = gasinstallatie ...
Gaskasten = gasbun ...
Gaskocher = gastoestel = gastoestellen = komfoor = komforen ...
Gaskochern = komforen ...
Gasleitung = gasleiding ...
Gasleitungen = gasleidingen ...
Gasluftgemisch = gasluchtmengsel ...
Gasmelder = gasdetector ...
Gasometer = gashonder = gashouder ...
Gaspedal = gaspedaal ...
Gasschlauch = gasslang ...
Gasschläuche = gasslangen ...
Gasse = steeg = straatje = slop ...
Gassen = sloppen ...
Gasstrahler = gasstraler ...
Gast = gast = logé*übernachten = introducé = introducée*weiblich ...
Gast zum Übernachten = logé ...
Gast- und Hotelgewerbe = horeca = horecasector ...
Gastarbeiter = buitenlandse arbeider = gastarbeider = gastarbeiders ...
Gäste = gasten ...
Gastes = introducé ...
Gästezimmer = logeerkamer ...
Gastflagge = beleefdheidsvlag = vreemde natievlag ...
gastfrei = gastvrij ...
gastfreundlich = gastvrij = gul ...
gastfreundliche = gastvrij = gastvrije ...
gastfreundlichem = gastvrij = gastvrije ...
gastfreundlichen = gastvrij = gastvrije ...
gastfreundlicher = gastvrij = gastvrije ...
gastfreundliches = gastvrij = gastvrije ...
Gastfreundschaft = gastvrijheid ...
Gastgeber = gastheer = gastheren ...
Gastgeberin = gastvrouw ...
Gasthaus = herberg = logement ...
Gasthäuser = herbergen = logementen ...
Gasthäusern = herbergen = logementen ...
Gasthauses = herberg = logement ...
Gasthof = herberg = logement ...
gastlich = gastvrij ...
gastliche = gastvrij = gastvrije ...
gastlichem = gastvrij = gastvrije ...
gastlichen = gastvrij = gastvrije ...
gastlicher = gastvrij = gastvrije ...
gastliches = gastvrij = gastvrije ...
Gastronomie = gastronomie = restaurantwezen ...
Gaststätte = eethuis = restaurant ...
Gaststätten = eethuizen ...
Gastwirt = herbergier = restaurateur = waard ...
Gastwirte = herbergiers = restaurateurs ...
Gastwirten = herbergiers ...
Gastwirts = herbergier ...
Gastzimmer = gelagkamer ...
Gasuhr = gasmeter ...
Gaswerk = gasbedrijf ...
Gaswerke = gasbedrijven ...
Gaswerks = gasbedrijf ...
Gaszähler = gasmeter ...
Gaszufuhr = gastoevoer ...
Gatchen = wissel ...
Gatsgeberin = gastvrouw ...
Gatte = echtgenoot ...
Gatter = afrastering = afrasteringen ...
Gattern = afrasteringen ...
Gatters = afrastering ...
Gattin = echtegenote = echtgenote ...
Gattung = soort ...
Gattungen = soorten ...
Gaudi = lol ...
Gaukler = goochelaar = goochelaars ...
Gauklern = goochelaars ...
Gauklers = goochelaar ...
Gaul = knol ...
Gäule = knollen ...
Gäulen = knollen ...
Gauls = knol ...
Gaumen = gehemelte ...
Gaumens = gehemelte ...
Gaunerei = afzetterij = sodemieterij ...
Gaunersprache = boeventaal ...
Gaze = gaas*Stoff = gaas = gaasjes ...
Gazelle = gazelle ...
geachtet = geacht = gelet ...
geachtete = geachte ...
geähnelt = geleken ...
geahnt = vermoed ...
geändert = gewijzigd = opengebroken ...
geänderte = gewijzigd = gewijzigde ...
geänderten = gewijzigd = gewijzigde ...
geänderter = gewijzigd = gewijzigde ...
geändertes = gewijzigd = gewijzigde ...
geangelt = gehengeld ...
geangelte = gehengeld = gehengelde ...
geangelten = gehengeld = gehengelde ...
geangelter = gehengeld = gehengelde ...
geangeltes = gehengeld = gehengelde ...
geankert = geankerd ...
geankerte = geankerd = geankerde ...
geankertem = geankerd = geankerde ...
geankerten = geankerd = geankerde ...
geankerter = geankerd = geankerde ...
geankertes = geankerd = geankerde ...
geantwortet = geantwoord ...
gearbeitet = gewerkt ...
geärgert = geërgerd = getart ...
geatmet = geademd ...
geäußert = geopperd = geuit = naar voren gebracht ...
geäußerte = geopperd = geopperde = geuit = geuite ...
geäußertem = geopperd = geopperde = geuit = geuite ...
geäußerten = geopperd = geopperde = geuit = geuite ...
geäußerter = geopperd = geopperde = geuit = geuite ...
geäußertes = geopperd = geopperde = geuit = geuite ...
Gebäck = gebak = gebakje ...
gebacken = gebakken ...
gebackene = gebakken ...
gebackenen = gebakken ...
gebackener = gebakken ...
gebackenes = gebakken ...
Gebäcks = gebakje ...
gebaggert = gebaggerd ...
gebaggerte = gebaggerd = gebaggerde ...
gebaggerten = gebaggerd = gebaggerde ...
gebaggerter = gebaggerd = gebaggerde ...
gebaggertes = gebaggerd ...
gebaggetes = gebaggerde ...
gebahnt = gebaand ...
geballert = gesmakt ...
gebändigt = ingetoomd ...
gebändigte = ingetoomde ...
gebändselt = gebindseld ...
gebändselte = gebindselde ...
gebannt = gebiologeerd ...
gebar = baarde ...
Gebärde = gebaar ...
Gebärden = gebaren ...
gebäre = baar ...
gebaren = baarde = baarden = manier van doen ...
gebären = baren = jongen werpen = baart ...
gebaret = baarden ...
Gebärmutter = baarmoeder ...
gebarst = baarde ...
gebärst = baar = baart ...
gebärt = baart = gebaard ...
gebastelt = geknutseld = geprutst ...
gebastelte = geknutselde = geprutst = geprutste ...
gebasteltem = geprutst = geprutste ...
gebastelten = geknutseld = geknutselde = geprutst = geprutste ...
gebastelter = geknutseld = geknutselde = geprutst = geprutste ...
gebasteltes = geknutseld = geknutselde = geprutst = geprutste ...
Gebäude = gebouw = gebouwen = pand ...
Gebäuden = bouwwerken = gebouwen ...
gebaumelt = gebengeld ...
gebaumelte = gebengelde ...
gebaut = gebouwd ...
gebaute = gebouwd = gebouwde ...
gebauten = gebouwd = gebouwde ...
gebauter = gebouwd = gebouwde ...
gebautes = gebouwd = gebouwde ...
gebe = geef ...
gebe bekannt = annonceer ...
gebebt = gebeefd = gepopeld ...
gebeizt = gebeten ...
Gebelfer = gesnauw ...
gebelfert = gesnauwd ...
Gebell = geblaf ...
Gebells = geblaf ...
gebellt = geblaft ...
geben = gebben = geven = geeft ...
Geber = gever = schenker = schenkers ...
Geberin = schenkster ...
Geberinnen = schenksters ...
Gebern = schenkers ...
Gebers = schenker ...
Gebet = gebed = gebedje ...
gebeten = gebeden = gevraagd = verzocht ...
gebetet = gebeden ...
Gebets = gebedje ...
Gebettel = gebedel ...
gebettelt = gebedeld = geschooid ...
gebettelte = gebedelde ...
gebettelten = gebedeld = gebedelde ...
gebettelter = gebedelde ...
gebetteltes = gebedeld = gebedelde ...
gebettet = gebed ...
gebibbert = gebibberd ...
Gebiet = gebied = grondgebied = regio's = terrein = rayon ...
Gebiete = gebieden = rayons = terreinen ...
Gebieten = rayons = terreinen ...
gebieterisch = dwingend ...
gebieterische = dwingend = dwingende ...
gebieterischem = dwingend = dwingende ...
gebieterischen = dwingend = dwingende ...
gebieterischer = dwingend = dwingende ...
gebieterisches = dwingend = dwingende ...
Gebiets = grondgebied = rayon ...
gebildet = beschaafd = ontwikkeld = geformeerd = gevormd ...
gebildete = beschaafde = geformeerde ...
gebildeten = beschaafd = beschaafde ...
gebildeter = beschaafd = beschaafde ...
gebildetes = beschaafd = beschaafde ...
gebimmelt = gebengeld ...
gebimmelte = gebengelde ...
Gebirge = gebergte = gebergten = gebergtes ...
Gebirgen = gebergten = gebergtes ...
Gebirges = gebergte ...
gebirgig = bergachtig ...
gebirgige = bergachtig = bergachtige ...
gebirgigem = bergachtig = bergachtige ...
gebirgigen = bergachtig = bergachtige ...
gebirgiger = bergachtig = bergachtige ...
gebirgiges = bergachtig = bergachtige ...
Gebirgspaß = bergpas ...
Gebirgspässe = bergpassen ...
Gebirgspässen = bergpassen ...
Gebirgsrasse = bergras ...
Gebiß = gebit ...
gebissen = gebeten = gehapt ...
geblasen = geblazen ...
geblendet = bedwelmd = verblind ...
geblendete = verblinde ...
geblendetem = verblind = verblinde ...
geblendeten = verblind = verblinde ...
geblendeter = verblind = verblinde ...
geblendetes = verblind = verblinde ...
geblieben = gebleven ...
geblinkt = geblonken = geschitterd ...
geblinzelt = geknipoogd = geknipperd ...
geblitzt = gebliksemd = geflitst ...
geblitzte = geflitst = geflitste ...
geblitztem = geflitst = geflitste ...
geblitzten = geflitst = geflitste ...
geblitzter = geflitst = geflitste ...
geblitztes = geflitst = geflitste ...
geblökt = geblaat ...
geblubbert = geborreld ...
geblufft = gebluft ...
geblüht = gebloeid ...
geblühte = gebloeide ...
geblümt = gebloemd ...
geblümte = gebloemd ...
geblümtem = gebloemd ...
geblümten = gebloemd ...
geblümter = gebloemd ...
geblümtes = gebloemd ...
geblutet = gebloed ...
gebogen = gebogen ...
gebogene Gaffel = kromme gaffel ...
gebohnert = geboend ...
gebohnerte = geboende ...
gebohrt = geboord ...
gebohrte = geboord = geboorde ...
gebohrten = geboord = geboorde ...
gebohrter = geboord = geboorde ...
gebohrtes = geboord = geboorde ...
gebölkt = gebalkt ...
geboren = geboren = gebaard ...
geborgen = geborgen ...
geborgene = geborgen ...
geborgenen = geborgen ...
geborgener = geborgen ...
geborgenes = geborgen ...
geborsten = gebarsten ...
Gebot = bod = gebod = inzet ...
Gebote = geboden ...
Gebote Gottes = geboden Gods ...
geboten = gebode = geboden ...
Geboten Gottes = geboden Gods ...
Gebots = inzet ...
Gebotsschild = gebodsbord ...
Gebotsschilder = gebodsborden ...
geboxt = gebokst ...
gebracht = gebracht ...
gebracht werden = worden gebracht ...
gebracht werden wird = zal worden gebracht ...
gebrannt = gebrand ...
gebraten = gebraden ...
gebratenes = gebakken = gebraden ...
Gebrauch = gebruik ...
gebrauche = aanwend = bezig = gebruik ...
gebrauchen = bezigen = gebruiken = gebruikt = aanwenden = aanwendt = bezigt ...
Gebraucher = gebruiker ...
gebräuchlich = gebruikelijk ...
gebräuchliche = gebruikelijk = gebruikelijke ...
gebräuchlichem = gebruikelijke ...
gebräuchlichen = gebruikelijk = gebruikelijke ...
gebräuchlicher = gebruikelijk = gebruikelijke ...
gebräuchliches = gebruikelijk = gebruikelijke ...
Gebrauchsanweisung = gebruiksaanwijzing = gebruiksaanwizing ...
Gebrauchsanweisungen = gebruiksaanwijzingen ...
Gebrauchsartikel = gebruiksartikel = gebruiksartikelen ...
gebrauchsfähig = voor het gebruik gereed ...
gebrauchsfertig = gebruiksklaar = operationeel ...
Gebrauchskreuzung = gebruikskruising ...
Gebrauchsmöglichkeiten = gebruiksmogelijkheden ...
gebrauchst = aanwendt = bezig = bezigt = gebruik = gebruikt ...
Gebrauchszucht = fokkerij van gebruiksdieren ...
gebraucht = gebruikt = aangewend = aanwenden = aanwendt = bezigen = bezigt = gebruiken = gehoefd = gehoeven ...
gebraucht werden = worden gebruikt ...
gebraucht werden wird = gebruikt gaat worden ...
gebrauchte = aangewend = aangewende = aanwendde = bezigde = gebruikt = gebruikte = gehoefd ...
gebrauchtem = gebruikte ...
gebrauchten = aangewend = aangewende = aanwendde = aanwendden = bezigde = bezigden = gebruikt = gebruikte = gebruikten = gehoefd ...
gebrauchter = aangewend = aangewende = gebruikt = gebruikte = gehoefd ...
gebrauchtes = aangewend = aangewende = gebruikt = gebruikte = gehoefd ...
gebrauchtest = aanwendde = bezigde = gebruikte ...
gebrauchtet = aanwendden = bezigden = gebruikten ...
Gebrauchtwagen = tweedehandsauto = tweedehandsauto's ...
Gebrauchtwagens = tweedehandsauto ...
gebräunt = run = gebruind ...
gebräunte = gebruinde ...
gebräuntem = gebruinde ...
gebräunten = gebruind = gebruinde ...
gebräunter = gebruind = gebruinde ...
gebräuntes = gebruind = gebruinde ...
gebraust = gebruist ...
gebraut = gebrouwen ...
Gebrechen = gebrek = ongemak = ongemakken ...
gebrechlich = gebrekkig ...
gebrechliche = gebrekkig = gebrekkige ...
gebrechlichem = gebrekkig = gebrekkige ...
gebrechlichen = gebrekkig = gebrekkige ...
gebrechlicher = gebrekkig = gebrekkige ...
gebrechliches = gebrekkig = gebrekkige ...
gebreitet = gespreid ...
gebreitete = gespreide ...
gebremst = geremd ...
gebremste = geremde ...
gebremsten = geremd = geremde ...
gebremster = geremd = geremde ...
gebremstes = geremd = geremde ...
gebrochen = gebroken = verbroken ...
gebröckelt = gebrokkeld ...
gebröckelte = gebrokkelde ...
gebröckelten = gebrokkeld = gebrokkelde ...
gebröckelter = gebrokkelde ...
gebröckeltes = gebrokkeld = gebrokkelde ...
Gebrüder = gebroeders ...
gebrüht = gebroeid ...
gebrühte = gebroeide ...
Gebrüll = gebrul = brul ...
gebrüllt = gebruld = gebulderd = geloeid ...
Gebrumm = geneurie ...
gebrummt = gebromd ...
gebrummte = gebromde ...
gebrütet = gebroeid ...
gebt = geven ...
gebt an = aangeven ...
gebucht = geboekt ...
gebückt = gebukt ...
gebückte = gebukte ...
gebückten = gebukt ...
gebügelt = gestreken ...
gebügeltes = gestreken ...
Gebühr = kosten = tarief = mutatierecht ...
Gebühren = leges ...
gebührenfrei = gratis = kosteloos ...
gebührenpflichtige Verwarnung = bekeuring ...
gebummelt = gelanterfant = gepierewaaid = getreuzeld = rondgeslenterd ...
gebumst = gebonkt = geflept = gevoosd ...
gebumste = gebonkte = geflepte ...
gebunden = gebonden = geknoopt ...
gebundene = gebonden = geknoopt = geknoopte ...
gebundenen = geknoopt = geknoopte ...
gebundener = geknoopt = geknoopte ...
gebundenes = geknoopt ...
gebürgt = ingestaan ...
Geburt = geboorte = partus = bevalling = komaf ...
Geburten = geboorten ...
Geburtenbeschränkung = geboortenbeperking ...
Geburtenregelung = geboortenbeperking = geboortenregeling ...
Geburtenrückgang = achteruitgang van 't geboorteciffer ...
Geburtenziffer = geboortencijfer ...
gebürtig = afkomstig = geboortig ...
Geburtsakt = jongen werpen ...
Geburtsdatum = geboortedatum ...
Geburtsgewicht = geboortegewicht ...
Geburtshelfer = verloskundige = verloskundigen ...
Geburtshelfern = verloskundigen ...
Geburtshelfers = verloskundige ...
Geburtshilfe = verloskunde ...
Geburtsland = geboorteland ...
Geburtsort = geboortenplaats = geboorteplaats ...
Geburtsortes = geboorteplaats ...
Geburtstag = verjaardag = verjaring ...
Geburtstag gehabt = jarig geweest ...
Geburtstag habe = jarig zijn = jarig ben ...
Geburtstag haben = jarig zijn = jarig bent ...
Geburtstag hast = jarig bent ...
Geburtstag hat = jarig is ...
Geburtstag hatte = jarig was ...
Geburtstagsfeier = verjaardagsfeestje ...
Geburtstagskarte = verjaardagskaartje ...
Geburtstagskind = jarige ...
Geburtsurkunde = geboortebewijs ...
Geburtszange = verlostang ...
Gebüsch = heesterplantsoen = struikgewas = struweel ...
gebüßt = geboet ...
gebüßte = geboete ...
gecampt = gekampeerd ...
Geck = dandy ...
gedacht = gedacht = herdacht ...
gedachte = gedacht = herdacht ...
gedachten = gedacht = gedachten = herdacht = herdachten ...
gedachtest = gedacht = herdacht ...
gedachtet = gedachten = herdachten ...
Gedächtnis = geheugen = gedachtenis = nagedachtenis ...
gedampft = gestoomd ...
gedämpft = beteugeld = gedempt = gedoofd = gestoomd ...
gedampfte = gestoomde ...
gedämpfte = beteugelde = gedempte = gedoofde = gestoomde ...
gedämpften = gedempte = gestoomde ...
gedämpfter = gedempte ...
gedämpftes = gedempt = gedempte = gestoomd ...
Gedanke = gedachte = denkbeeld ...
Gedanken = denkbeelden = gedachte = gedachten ...
Gedankenaustausch = gedachtenwisseling ...
gedankenlos = gedachteloos = onnadenkend ...
gedankenlose = gedachteloos = gedachteloze = onnadenkend = onnadenkende ...
gedankenlosem = gedachteloos = gedachteloze = onnadenkend = onnadenkende ...
gedankenlosen = gedachteloos = gedachteloze = onnadenkend = onnadenkende ...
gedankenloser = gedachteloos = gedachteloze = onnadenkend = onnadenkende ...
gedankenloses = gedachteloos = gedachteloze = onnadenkend = onnadenkende ...
Gedankens = denkbeeld = gedachte ...
Gedankenstrich = gedachtenstreep ...
Gedankenstriche = gedachtenstrepen ...
Gedankenstrichen = gedachtenstrepen ...
Gedankenstrichs = gedachtenstreep ...
gedankenvoll = peinzend ...
gedanklich = mentaal ...
gedankliche = mentaal = mentale ...
gedanklichem = mentaal = mentale ...
gedanklichen = mentaal = mentale ...
gedanklicher = mentaal = mentale ...
gedankliches = mentaal = mentale ...
Gedärm = ingewand ...
Gedärme = ingewanden ...
Gedärms = ingewand ...
gedauert = geduurd ...
Gedeck = couvert = menu ...
Gedecks = couvert = menu ...
gedeckt = gedekt ...
gedeckte = gedekt = gedekte ...
gedeckte Kähne = dekenpunters ...
gedeckten = gedekt = gedekte ...
gedeckter = gedekt = gedekte ...
gedecktes = gedekt = gedekte ...
gedehnt = gerekt = uitgerekt ...
gedehnte = gerekte = uitgerekt = uitgerekte ...
gedehntem = uitgerekt = uitgerekte ...
gedehnten = gerekte = uitgerekt = uitgerekte ...
gedehnter = gerekte = uitgerekt = uitgerekte ...
gedehntes = gerekt = uitgerekt = uitgerekte ...
gedeichselt = gefikst = geflikt = gerommeld ...
gedeichselte = geflikte = gerommelde ...
gedeihe = bloei = dij = tier ...
gedeihen = aarden = gedijen = dijen = dijt = tieren = voorspoed ...
Gedeihens = voorspoed ...
gedeihst = bloeit = dij = dijt = tier = tiert ...
gedeiht = dijen = dijt = gedijt = tieren = tiert ...
gedemütigt = vernederd ...
gedenke = gedenk = herdenk ...
Gedenken = herdenken = gedachtenis = gedenken = gedenkt = herdenkt ...
Gedenkmünze = penning ...
gedenkst = gedenk = gedenkt = herdenk = herdenkt ...
gedenkt = gedenkt = herdenken = herdenkt ...
Gedenktag = herdenking = herdenkingsdag ...
Gedenktage = herdenkingsdagen ...
Gedenktagen = herdenkingsdagen ...
Gedenktags = herdenkingsdag ...
gedeutet = geduid ...
Gedicht = gedicht ...
Gedichte = gedichten ...
Gedichten = gedichten ...
Gedichts = gedicht ...
gediegen = degelijk = gedegen ...
gediegene = degelijke ...
gediegenes = degelijk ...
Gediegenheit = deugdelijkheid ...
gedieh = dijde = gedijde = tierde ...
gediehen = bloeide = dijde = dijden = gebloeid = gedijd = gedijden = getierd = tierden ...
gediehene = gebloeide = gedijde ...
gediehst = bloeide = dijde ...
gedient = gediend ...
gediente = gediende ...
gedienten = gediende ...
gedienter = gediende ...
gedonnert = gebulderd = gedaverd = gedonderd ...
gedoppelt = tweeledig ...
gedopt = gedoopt ...
gedopte = gedoopte ...
gedöst = gedommeld = gesoesd ...
Gedränge = drukte = gedrang ...
Gedrängel = gedrang ...
Gedränges = gedrang ...
gedrängt = aangedrongen ...
gedrängt voll = propvol = stampvol ...
gedreht = gedraaid = gewenteld ...
gedrehte = gedraaide = gewenteld = gewentelde ...
gedrehtem = gedraaide = gewentelde ...
gedrehten = gedraaide = gewenteld = gewentelde ...
gedrehter = gedraaide = gewenteld = gewentelde ...
gedrehtes = gedraaide = gewenteld = gewentelde ...
Gedreideschrot = grof gemalen graanmeel ...
gedröhnt = gebulderd = gedaverd = gedreund ...
gedroht = gebroeid ...
gedroschen = gedorst = geranseld ...
gedroschene = gedorste ...
gedruckt = gedrukt ...
gedrückt = gedrukt ...
gedrungen = aangedrongen = gedrongen = gestuikt ...
gedrungene = gestuikt = gestuikte ...
gedrungenem = gestuikt = gestuikte ...
gedrungenen = gestuikt = gestuikte ...
gedrungener = gestuikt = gestuikte ...
gedrungenes = gestuikt = gestuikte ...
gedudelt = gejengeld ...
geduftet = gegeurd ...
Geduld = geduld ...
geduldet = gedoogd = geduld ...
geduldete = gedoogd = gedoogde ...
geduldetem = gedoogd = gedoogde ...
geduldeten = gedoogd = gedoogde ...
geduldeter = gedoogd = gedoogde ...
geduldetes = gedoogd = gedoogde ...
geduldig = geduldig = lijdzaam ...
geduldige = lijdzaam = lijdzame ...
geduldigem = lijdzaam = lijdzame ...
geduldigen = lijdzaam = lijdzame ...
geduldiger = lijdzaam = lijdzame ...
geduldiges = lijdzaam = lijdzame ...
gedüngt = bemest = gemest ...
gedüngte = bemeste ...
gedünsteten = gedampten ...
gedurft = gemogen = gemoogd ...
geebnet = geëffend ...
geebnete = geëffende ...
geehrt = geacht = gesierd ...
geehrte = Geachte = gesierde ...
geehrte Herren = geachte heren ...
geehrter = Geachte ...
geehrter Herr = geachte heer ...
geeicht = geijkt ...
geeichte = geijkte ...
geeignet = geschikt = geëigend = probaat ...
geeignete = geëigend = geëigende = probaat = probate ...
geeignetem = geëigend = geëigende = geschikt = geschikte ...
geeigneten = geëigend = geëigende = geschikt = geschikte = probaat = probate ...
geeigneter = geëigend = geëigende = geschikt = geschikte = probaat = probate ...
geeignetes = geëigend = geëigende = geschikt = geschikte = probaat = probate ...
geeignetste = geschiktst ...
geeilt = geijld = gesneld ...
geeitert = gezworen ...
geendet = geëindigd ...
geendete = geëindigde ...
geendigt = geëindigd ...
geerbt = geërfd ...
geerntet = geoogst ...
Gefahr = gevaar = gevaren = onraad ...
Gefahr des Ertrinkens = verdrinkingsrisico ...
gefährden = bedreigen = in gevaar brengen ...
Gefahren = gevaren = gereden ...
Gefahrengrenze = gevaarlijn ...
Gefahrengrenzen = gevaarlijnen ...
Gefahrenzone = gevarenzone = voorzorgsgebied ...
gefährlich = gevaarlijk ...
gefährliche = gevaarlijke ...
gefährlichen = gevaarlijke ...
gefährlicher = gevaarlijke ...
gefährliches = gevaarlijk = gevaarlijke ...
gefährlichst = gevaarlijkst ...
gefährlichste = gevaarlijkst = gevaarlijkste ...
gefährlichstem = gevaarlijkst = gevaarlijkste ...
gefährlichsten = gevaarlijkst = gevaarlijkste ...
gefährlichster = gevaarlijkst = gevaarlijkste ...
gefährlichstes = gevaarlijkst = gevaarlijkste ...
Gefährte = makker = metgezel = deelgenoot = deelgenote = gezel ...
Gefährten = deelgenoten = gezel = gezellen = metgezellen ...
Gefährtin = metgezellin ...
Gefährtinnen = metgezellinnen ...
gefalle = aansta = behaag = beval ...
Gefälle = emolumenten = glooiing = glooiingen ...
gefallen = aanstaan = behagen = bevallen = genoegen = gevallen = welgevallen = behaagd = behaagt = bevalt = gesneuveld = gezakt = neergevallen ...
gefallen lassen = laten welgevallen ...
Gefällen = glooiingen ...
gefallene = gesneuvelde = gezakte ...
Gefälles = glooiing ...
gefällig = bevallig = gedienstig = dienstwillig = voorkomend ...
gefällige = dienstwillig = dienstwillige = gedienstig = gedienstige = voorkomende ...
gefälligem = dienstwillig = dienstwillige = gedienstig = gedienstige ...
gefälligen = dienstwillig = dienstwillige = gedienstig = gedienstige = voorkomend = voorkomende ...
gefälliger = dienstwillig = dienstwillige = gedienstig = gedienstige = voorkomend = voorkomende ...
gefälliges = dienstwillig = dienstwillige = gedienstig = gedienstige = voorkomend ...
Gefälligkeit = dienst = bevalligheid ...
gefällst = behaag = behaagt = beval = bevalt ...
gefallt = behagen ...
gefällt = aanstaat = behaagt = bevalt = gehouwen = geveld = meeevalt ...
gefällte = gevelde ...
gefälscht = vervalst ...
gefälschte = vervalste ...
gefältelt = gefronst ...
gefältelte = gefronste ...
gefaltet = geplooid = gefronst = gevouwen ...
gefaltete = gefronste = geplooid = geplooide = gevouwen ...
gefaltetem = geplooid = geplooide = gevouwen ...
gefalteten = geplooid = geplooide = gevouwen ...
gefalteter = geplooid = geplooide = gevouwen ...
gefaltetes = geplooid = geplooide = gevouwen ...
gefangen = gevangen ...
Gefangene = gevangene = gevangenen ...
Gefangenen = gevangene = gevangenen ...
Gefangener = gevangene ...
Gefangenschaft = gevangenschap = opsluiting = gevangenis ...
Gefängnis = gevangenis ...
Gefängnisaufseher = cipier ...
Gefängnispersonal = gevangenispersoneel ...
Gefängnisses = gevangenis ...
Gefängnisstrafe = gevangenisstraf = hechtenis ...
Gefängnisstrafe ohne Bewährung = onvoorwaardelijke straf ...
Gefängnisstrafen = gevangenisstraffen ...
Gefängniswärter = cipier = cipiers ...
Gefängniswärtern = cipiers ...
Gefängniswärters = cipier ...
gefärbt = gekleurd = geverfd = geverft ...
gefärbte = gekleurde = geverfd = geverfde = geverft = geverfte ...
gefärbtem = geverfd = geverfde ...
gefärbten = gekleurd = gekleurde = geverfd = geverfde = geverft = geverfte ...
gefärbter = gekleurd = gekleurde = geverfd = geverfde = geverft = geverfte ...
gefärbtes = gekleurd = gekleurde = geverfd = geverfde = geverft = geverfte ...
Gefäß = bak = vat ...
Gefäße = vaatwerk = vatten ...
gefaselt = gebazeld = gewauweld = gezwamd ...
Gefäßen = bakken ...
gefasert = gekerfd = gekorven = gekrompen = gerafeld ...
gefaßt = bedaard = kalm = beetgenomen = getast = gevat ...
gefaßte = gevat = gevatte ...
gefaßten = gevat = gevatte ...
gefaßter = gevat = gevatte ...
gefaßtes = gevat = gevatte ...
gefastet = gevast ...
gefaulenzt = geluierd ...
Gefecht = gevecht ...
Gefechte = gevechten ...
Gefechten = gevechten ...
Gefechtes = gevecht ...
gefegt = gekrioeld = geveegd ...
gefegte = geveegd = geveegde ...
gefegten = geveegd = geveegde ...
gefegter = geveegd = geveegde ...
gefegtes = geveegd = geveegde ...
gefehlt = gemankeerd = gescheeld = geschort = ontbroken ...
gefeiert = gevierd ...
gefeierte = gevierd = gevierde ...
gefeierten = gevierd = gevierde ...
gefeilscht = gemarchandeerd = gepingeld ...
gefeit = gevrijwaard ...
gefeite = gevrijwaarde ...
gefesselt = geboeid ...
gefesselte = geboeid = geboeide ...
gefesseltem = geboeid = geboeide ...
gefesselten = geboeid = geboeide ...
gefesselter = geboeid = geboeide ...
gefesseltes = geboeid = geboeide ...
gefeudelt = gedweild ...
gefeuert = geleld ...
gefeuerte = gelelde ...
gefiebert = gehunkerd ...
Gefieder = pluimage ...
gefiel = aanstond = behaagde = beviel ...
gefielen = behaagde = behaagden = beviel = bevielen ...
gefielet = bevielen ...
gefielst = behaagde = beviel ...
gefielt = behaagden ...
gefiert = gevierd ...
gefierte = gevierd = gevierde ...
gefiertem = gevierd = gevierde ...
gefierten = gevierd = gevierde ...
gefierter = gevierd = gevierde ...
gefiertes = gevierd = gevierde ...
gefigtes = gevoegde ...
gefiltert = gefilterd ...
gefilterte = gefilterde ...
gefilzt = gefouilleerd ...
gefilzte = gefouilleerde ...
gefingert = gefrommeld ...
gefingerte = gefrommelde ...
gefischt = gevist ...
gefischte = gevist = geviste ...
gefischtem = gevist = geviste ...
gefischten = gevist = geviste ...
gefischter = gevist = geviste ...
gefischtes = gevist = geviste ...
Geflacker = flikkering ...
geflackert = geflakkerd = geflikkerd ...
geflattert = gewapperd ...
Geflecht = vlechtwerk ...
gefleckt = gevlekt ...
gefleckte = gevlekt = gevlekte ...
geflecktem = gevlekt = gevlekte ...
gefleckten = gevlekt = gevlekte ...
gefleckter = gevlekt = gevlekte ...
geflecktes = gevlekt = gevlekte ...
gefleht = gesmacht = gesmeekt ...
geflickt = geflikt = gelapt = versteld ...
geflickte = geflikte = verstelde ...
geflickten = gelapt ...
geflicktes = gelapt ...
gefliest = betegeld ...
geflimmert = geglinsterd ...
geflitzt = geflitst ...
geflitzte = geflitste ...
geflitzter = geflitste ...
geflochten = gevlochten ...
geflochtene = gevlochten ...
geflochtenem = gevlochten ...
geflochtenen = gevlochten ...
geflochtener = gevlochten ...
geflochtenes = gevlochten ...
geflogen = gevlogen = gewapperd ...
geflossen = gevloeid ...
geflossene = gevloeide ...
geflucht = gevloekt ...
Geflügel = gevogelte = pluimvee ...
Geflügelbestand = pluimveestapel ...
Geflügelendmastfutter = mestvoer voor slachtkippen ...
Geflügelfarm = pluimveebedrijf ...
Geflügelfutter = pluimveevoer ...
Geflügelhalter = pluimveehouder ...
Geflügelhaltung = luimveehoudery ...
Geflügelhändler = poelier ...
Geflügelkrankeiten = pluimveeziekten ...
Geflügelmastfutter = mestvoer voor slachtkippen ...
Geflügelpocken = vogelpokken ...
Geflügels = gevogelte = pluimvee ...
Geflügelstall = kippehok ...
Geflügelställe = pluimveehokken ...
Geflügelstarterfutter = mestvoer voor slachtkippen ...
Geflügelzucht und -haltung = pluimveeteelt ...
Geflügelzüchter = pluimveefokker ...
geflust = gepluisd ...
Geflüster = gefluister ...
Geflüsters = gefluister ...
geflüstert = gefluisterd = gesmoesd ...
geflüsterte = gefluisterde ...
geflüsterten = gefluisterd = gefluisterde ...
geflüsterter = gefluisterde ...
geflüstertes = gefluisterd = gefluisterde ...
Gefolge = gevolg ...
gefolgert = geconcludeert = geredeneerd = opgemaakt ...
gefolgerte = opgemaakte ...
Gefolgschaft = aanhang ...
gefolgt = gevolgd = nagevolgd = opgevolgd ...
gefoltert = gefolterd ...
gefolterte = gefolterde ...
gefoppt = gefopt ...
gefordert = geëist = gevergd = gevorderd = gevraagd = opgeëist ...
gefördert = bevorderd ...
geforderte = geëist = geëiste = gevergd = gevergde = gevorderde = gevraagde = opgeëiste ...
geförderte = bevorderde ...
gefordertem = geëist = geëiste = gevergd = gevergde ...
geforderten = geëist = geëiste = gevergd = gevergde = gevraagde = opgeëiste ...
geförderten = bevorderd = bevorderde ...
geforderter = geëist = geëiste = gevergd = gevergde ...
geförderter = bevorderde ...
gefordertes = geëist = geëiste = gevergd = gevergde = gevraagd ...
gefördertes = bevorderd = bevorderde ...
geformt = geformeerd = gevormd = van vorm ...
geformte = geformeerde = gevormd = gevormde ...
geformtem = gevormd = gevormde ...
geformten = gevormd = gevormde ...
geformter = gevormd = gevormde ...
geformtes = gevormd = gevormde ...
gefragt = gevraagd = afgevraagt ...
Gefragte = gevraagde ...
gefräßig = gulzig = vraatzuchtig ...
gefräßige = vraatzuchtig = vraatzuchtige ...
gefräßigem = vraatzuchtig = vraatzuchtige ...
gefräßigen = vraatzuchtig = vraatzuchtige ...
gefräßiger = vraatzuchtig = vraatzuchtige ...
gefräßiges = vraatzuchtig = vraatzuchtige ...
gefräst = gefreesd ...
gefräste = gefreesd = gefreesde ...
gefrästem = gefreesde ...
gefrästen = gefreesd = gefreesde ...
gefräster = gefreesd = gefreesde ...
gefrästes = gefreesd = gefreesde ...
gefreit = gevreeën = gevrijd ...
Gefreite = korporaal ...
Gefreiter = korporaal ...
gefressen = gevreten ...
gefressenes = gevreten ...
gefrieren = bevriezen = ijzelen ...
Gefrierfach = diepvrieskastje ...
Gefrierfachs = diepvrieskastje ...
Gefrierfleisch = bevroren vlees ...
Gefrierpunkt = vriespunt ...
gefriert = bevriest = ijzelt ...
Gefriertruhe = diepvries = diepvrieskast ...
Gefriertruhen = diepvrieskasten ...
gefrönt = botgevierd ...
gefror = bevroor = ijzelde ...
gefroren = bevroor = bevroren = geijzeld = gevroren = gevrozen = ijzelden ...
gefrorene = gevroren ...
gefrorenem = gevroren ...
gefrorenen = gevroren ...
gefrorenen Boden = hal ...
gefrorener = gevroren ...
gefrorener Boden = hal ...
gefrorenes = gevroren ...
gefröstelt = gehuiverd ...
gefrühstückt = ontbeten ...
Gefüge = stelsel ...
gefügig = gedwee = meegaand = gewillig = handzaam ...
gefügige = gewillig = gewillige = handzaam = handzame ...
gefügigem = gewillig = gewillige = handzame ...
gefügigen = gewillig = gewillige = handzaam = handzame ...
gefügiger = gewillig = gewillige = handzaam = handzame ...
gefügiges = gewillig = gewillige = handzaam = handzame ...
gefugt = gevoegd ...
gefügt = gevoegd ...
gefugte = gevoegde ...
gefügte = gevoegde ...
gefugten = gevoegd = gevoegde ...
gefügten = gevoegd = gevoegde ...
gefügter = gevoegde ...
gefugtes = gevoegd ...
gefügtes = gevoegd = gevoegde ...
Gefühl = gevoel = gevoelen ...
Gefühle = gevoelens ...
Gefühls = gevoel ...
gefühlsbetont = gevoels ...
gefühlsmäßig = emotioneel = op het gevoel ...
gefühlsmäßige = emotionele ...
gefühlt = gevoeld ...
gefühlte = gevoeld = gevoelde ...
gefühltem = gevoeld = gevoelde ...
gefühlten = gevoeld = gevoelde ...
gefühlter = gevoeld = gevoelde ...
gefühltes = gevoeld = gevoelde ...
gefühlvoll = gevoelig ...
geführt = geleid = gevoerd ...
geführt werden können = kunnen worden gevoerd ...
geführte = geleide = gevoerde ...
geführtem = geleide ...
geführten = geleid = geleide = gevoerd = gevoerde ...
geführter = geleide = gevoerde ...
geführtes = geleid = geleide = gevoerd = gevoerde ...
gefüllt = gevulde = gevuld = volgeslagen ...
gefüllte = gevulde ...
gefülltem = gevulde ...
gefüllten = gevulde ...
gefüllter = gevulde ...
gefülltes = gevuld = gevulde ...
gefummelt = gefriemeld = gefrunnikt = gefrutseld = gepeuterd ...
gefummelte = gefriemelde ...
gefunden = gevonden ...
gefunkelt = gebliksemd = gefonkeld = geglinsterd = getinteld ...
gefunkt = getokkeld ...
gefürchtet = gevreesd ...
gefürchtete = gevreesde ...
gefürchteten = gevreesd = gevreesde ...
gefürchteter = gevreesde ...
gefürchtetes = gevreesd = gevreesde ...
gefusselt = geplozen ...
gefuttert = geschranst ...
gefüttert = gevoerd ...
gefütterte = gevoerde ...
gegackert = gekakeld ...
gegafft = gegaapt ...
gegähnt = gegaapt = gegeeuwd ...
gegängelt = betutteld ...
gegangen = gegaan = opgestapt ...
gegangen war = was gaan ...
gegangen waren = was gaan ...
gegangen warst = was gaan ...
gegangene = gegane ...
gegeben = gegeven ...
gegebenen = gegeven ...
gegebener = gegeven ...
gegebenes = gegeven ...
Gegebenheiten = feiten = omstandigheid ...
Gegeifer = gekwijl ...
Gegeifers = gekwijl ...
gegeifert = gekwijld ...
gegen = jegens = omtrent = tegen = op = toe ...
gegen das = waartegen ...
gegen den = waartegen ...
gegen den Uhrzeigersinn = tegen de wijzers van de klok in = tegen de zon ...
gegen den Wind = tegen de wind in ...
gegen die = waartegen ...
gegen die Ebene = tegen de vlakte ...
gegen die Sonne = tegen de zon ...
gegen Ende des Jahres = tegen 't einde van 't jaar ...
gegen etwas anlaufen = tegen iets aanlopen ...
gegen etwas treten = tegen iets aanschikken ...
gegen kann = tegen kan ...
gegen kannst = tegen kunt ...
gegen können = tegen kunnen ...
gegen konnten = tegen konden ...
gegen was = waartegen ...
gegen zu stehen = tegen te staan ...
gegenan = tegenin = tegenop ...
gegenangriff = tegenaanval ...
Gegenangriffe = tegenaanvallen ...
Gegenangriffen = tegenaanvallen ...
Gegenangriffs = tegenaanval ...
gegenbrassen = tegenbrassen ...
Gegend = oord = gewest = streek ...
Gegenden = gewesten ...
Gegengewicht = tegengewicht = tegenwicht = contragewicht ...
Gegengewichte = tegenwichten ...
gegengewirkt = tegengewerkt ...
Gegengift = tegengif = tegengift ...
Gegengifte = tegengiffen = tegengiften ...
Gegengiften = tegengiffen = tegengiften ...
Gegengiftes = tegengif = tegengift ...
Gegenkraft = reactiekracht ...
Gegenpart = tegenpartij ...
Gegenpartei = tegenpartij ...
Gegenrichtung = tegengestelde richting ...
Gegenruder = tegenroer ...
Gegensatz = contrast = tegenstelling ...
Gegensätze = tegenstellingen ...
Gegenseite = tegenpartij ...
Gegenseiten = weerszijden ...
gegenseitig = onderling = wederkerig = wederzijds = elkaar ...
gegenseitige = onderling = onderlinge = wederkerige = wederzijdse ...
gegenseitigem = onderling = onderlinge ...
gegenseitigen = onderling = onderlinge = wederkerig = wederkerige ...
gegenseitiger = onderling = onderlinge = wederkerige ...
gegenseitiges = onderling = onderlinge = wederkerig = wederkerige ...
Gegenstand = voorwerp = object ...
Gegenstand der Betrachtung = onderwerp van beschouwing ...
Gegenstände = objecten = voorwerpen ...
Gegenständen = objecten ...
Gegenstrom = tegenstroom ...
Gegenteil = omgekeerde = tegendeel ...
gegenüber = tegenover = aan de overkant = boven = jegens = overkant = ten opzichte van ...
gegenüber gestellte = tegenovergestelde ...
gegenübergestellt = afgezet ...
gegenübergestellte = afgezette ...
gegenüberliegende Seite = overkant = overzijde ...
Gegenverkehr = tegenliggers ...
Gegenwart = tegenwoordige tijd = tegenwoordigheid = tegenwoordige tijd*gramm. ...
gegenwärtig = tegenwoordig ...
gegenwärtige = Tegenwoordige ...
gegenwärtigen = Tegenwoordige ...
gegenwärtiger = Tegenwoordige ...
gegenwärtiges = tegenwoordig = Tegenwoordige ...
Gegenwartsproblem = actueel probleem ...
Gegenwert = equivalent = tegenwaarde ...
Gegenwerts = tegenwaarde ...
Gegenwind = tegenwind = wind tegen ...
gegenwirken = tegenwerken ...
gegenwirkt = tegenwerken ...
gegerbt = gelooid = getaand = tanig ...
gegerbte = gelooid = gelooide = getaand = getaande = tanig = tanige ...
gegerbtem = gelooid = gelooide = getaand = getaande = tanig = tanige ...
gegerbten = gelooid = gelooide = getaand = getaande = tanig = tanige ...
gegerbter = gelooid = gelooide = getaand = getaande = tanig = tanige ...
gegerbtes = gelooid = gelooide = getaand = getaande = tanig = tanige ...
gegessen = gegeten ...
gegiert = gegierd ...
gegißt = gegist ...
gegißte = gegist = gegiste ...
gegißtem = gegist = gegiste ...
gegißten = gegist = gegiste ...
gegißter = gegist = gegiste ...
gegißtes = gegist = gegiste ...
geglänzt = geblonken = geglansd = geglinsterd = geglommen = geschitterd ...
geglättet = geëffend = gelikt = gestroomlijnd = gladgemaakt ...
geglättete = geëffende = gelikte = geplaneerde = gestroomlijnd = gestroomlijnde ...
geglättetem = gestroomlijnd = gestroomlijnde ...
geglätteten = gestroomlijnd = gestroomlijnde ...
geglätteter = gestroomlijnd = gestroomlijnde ...
geglättetes = gestroomlijnd = gestroomlijnde ...
geglaubt = geacht = geloofd ...
gegliedert = geleed = gerangschikt = ingedeeld ...
gegliederte = gelede = geleed = gerangschikt = gerangschikte = ingedeeld = ingedeelde ...
gegliedertem = gelede = geleed = gerangschikt = gerangschikte ...
gegliederten = gelede = geleed = gerangschikt = gerangschikte = ingedeeld ...
gegliederter = gelede = geleed = gerangschikt = gerangschikte = ingedeeld = ingedeelde ...
gegliedertes = gelede = geleed = gerangschikt = gerangschikte = ingedeeld = ingedeelde ...
gegliedrten = ingedeelde ...
geglimmt = geglommen ...
geglitten = gegleden = geplaneerd = gezwierd ...
geglittene = geplaneerde ...
geglitzert = geflikkerd ...
geglommen = geglommen ...
geglückt = gelukt = geslaagd ...
geglückte = gelukte ...
geglückten = gelukte ...
geglücktes = geslaagd ...
geglüht = gegloeid ...
Gegner = tegenstander = anti = tegenstanders ...
gegolten = gegolden ...
gegönnt = gegund ...
gegossen = gegoten ...
gegraben = gedolven = gegraven = gespit ...
gegrabene = gespitte ...
gegrapscht = gegrist ...
gegraust = geijsd ...
gegriffen = gegrepen = getast ...
gegrinst = gegrijnsd ...
gegrollt = gerateld ...
gegrübelt = gepiekerd = getobd ...
gegründet = gebaseerd = gesticht ...
gegründete = gestichte ...
gegrüßt = gegroet ...
gegrüßte = gegroete ...
gegrüßten = gegroete ...
gegrüßter = gegroete ...
gegrüßtes = gegroet ...
geguckt = gekeken ...
gegurgelt = gegorgeld ...
geh nur = ga je gang maar ...
gehabt = gehad ...
gehackt = gehakt ...
gehackte = gehakt = gehakte ...
gehacktem = gehakt = gehakte ...
gehackten = gehakt = gehakte ...
gehackter = gehakt = gehakte ...
Gehacktes = gehakt = gehakte ...
gehaftet = ingestaan ...
gehagelt = gehageld ...
gehäkelt = gehaakt ...
gehäkelte = gehaakt = gehaakte ...
gehäkelten = gehaakt = gehaakte ...
gehäkelter = gehaakt = gehaakte ...
gehäkeltes = gehaakt = gehaakte ...
gehakt = gehaperd ...
gehallt = gegalmd = weerklonken ...
gehalst = gegijpt ...
Gehalt = allooi = gehalte = salaris = allooi*Inhalt ...
Gehalt beziehen = genieten ...
gehalten = gehouden = geoordeeld ...
gehalten haben = hebben gehouden ...
gehalten werden = worden gehouden ...
gehalten werden kann = kan worden gehouden ...
Gehalts = allooi*Inhalt = gehalte ...
Gehaltsrübe = hoogprocentige biet ...
gehämmert = geslagen ...
gehandelt = gehandeld ...
gehandelte = gehandeld = gehandelde ...
gehandelten = gehandeld = gehandelde ...
gehandelter = gehandeld = gehandelde ...
gehandeltes = gehandeld = gehandelde ...
gehandhabt = gehanteerd ...
gehandhabte = gehanteerde ...
gehangen = gehangen ...
gehangene = gehangen ...
gehangenen = gehangen ...
gehangener = gehangen ...
gehangenes = gehangen ...
gehapert = gehaperd = geschort ...
geharkt = geharkt ...
geharkte = geharkt = geharkte ...
gehärtet = gehard ...
gehärtete = gehard = geharde = verharde ...
gehärtetem = gehard = geharde = verharde ...
gehärteten = gehard = geharde = verharde ...
gehärteter = gehard = geharde = verharde ...
gehärtetes = gehard = geharde = verharde ...
gehässig = hatelijk ...
gehässige = hatelijk = hatelijke ...
gehässigem = hatelijk = hatelijke ...
gehässigen = hatelijk = hatelijke ...
gehässiger = hatelijk = hatelijke ...
gehässiges = hatelijk = hatelijke ...
gehaßt = gehaat ...
gehaßte = gehaat ...
gehaßten = gehaat ...
gehaßter = gehaat ...
gehaßtes = gehaat ...
gehauen = gehouwen = gekapt ...
gehauene = gekapte ...
gehäufelt = geopperd ...
gehäufelte = geopperde ...
Gehäuse = kunststof huis = omhulsel = behuizing = behuizingen = klokhuis = klokhuizen ...
Gehäusen = behuizingen = klokhuizen ...
Gehäuses = klokhuis ...
Gehäuseschalen = kunststof huis ...
gehaust = huisgehouden ...
gehäutet = gevild ...
gehäutete = gevilde ...
gehe = ga = opstap ...
gehe vor = ga te werk ...
gehe weg = vertrek ...
gehe weiter = ga verder ...
gehe zu Tisch = ga aan tafel ...
gehechelt = gehekeld = gehijgd = geroddeld ...
gehechelte = gehekelde ...
geheftet = ingenaaid*Buch = gehecht = geniet ...
geheftete = geniet = geniete ...
geheftetem = gehechte = geniete ...
gehefteten = gehecht = gehechte = geniet = geniete ...
gehefteter = gehecht = gehechte = geniet = geniete ...
geheftetes = gehecht = gehechte = geniet = geniete ...
gehegt = gekoesterd ...
gehegte = gekoesterde ...
gehegtes = gekoesterd ...
geheilt = genezen ...
geheilte = genezen ...
geheiltem = genezen ...
geheilten = genezen ...
geheilter = genezen ...
geheiltes = genezen ...
geheim = cryptisch = geheim ...
geheime = geheim = geheime ...
geheime Abstimmung = stembriefje ...
geheimem = geheim = geheime ...
geheimen = geheim = geheime ...
geheimer = geheim = geheime ...
geheimes = geheim = geheime ...
Geheimnis = geheim ...
Geheimnisse = geheimen ...
Geheimnissen = geheimen ...
geheimnisvoll = geheimzinnig ...
geheimnisvolle = geheimzinnig = geheimzinnige ...
geheimnisvollem = geheimzinnig = geheimzinnige ...
geheimnisvollen = geheimzinnig = geheimzinnige ...
geheimnisvoller = geheimzinnig = geheimzinnige ...
geheimnisvolles = geheimzinnig = geheimzinnige = geheimzinnigheid ...
geheiratet = getrouwd ...
geheißen = geheten ...
geheißt = gehesen ...
geheißte = gehesen ...
geheißten = gehesen ...
geheißter = gehesen ...
geheißtes = gehesen ...
geheizt = gestookt = verwarmd ...
geheiztes = verwarmd ...
gehemmt = geremd = gestuit ...
gehemmte = gestuite ...
gehemmten = gestuite ...
gehemmter = gestuite ...
gehemmtes = gestuit ...
gehen = gaan = liep = lopen = gaat = opstappen = opstapt = zou kunnen ...
gehen hervor = vloeien voort ...
gehen kannst = kunt gaan ...
gehen können = kunt gaan ...
gehen könnt = kunt gaan ...
gehen müssen = moeten gaan ...
gehen Sie nur = gaat u gang maar ...
gehen vor = gaan te werk ...
gehen weiter = gaat verder ...
gehen wohl an = vallen wel mee ...
gehen zu Tisch = gaan aan tafel = gaat aan tafel ...
gehende = gaande ...
gehenden = gaande ...
gehender = gaande ...
gehendes = gaande ...
geherrscht = geheerst ...
geherrschte = geheerste ...
gehetzt = gejakkerd = jachtig = opgejaagd ...
gehetzte = jachtig = jachtige = opgejaagde ...
gehetztem = jachtig = jachtige ...
gehetzten = jachtig = jachtige ...
gehetzter = jachtig = jachtige ...
gehetztes = jachtig = jachtige ...
geheuchelt = gehuicheld = geveinsd ...
geheuchelte = gehuichelde ...
Geheul = gehuil ...
geheult = gegild = gehuild = gejankt = geloeid ...
gehievt = gehieuwd ...
Gehilfe = hulp ...
gehindert = gehinderd ...
gehinderte = gehinderd ...
gehinderter = gehinderd ...
gehinkt = gehinkt ...
Gehirn = brein = hersennen = hersens ...
Gehirnerschütterung = hersenschudding ...
Gehirns = hersens ...
gehißt = gehesen ...
gehißte = gehesen ...
gehißten = gehesen ...
gehißter = gehesen ...
gehißtes = gehesen ...
gehobelt = geschaafd ...
gehobelte = geschaafde ...
gehoben = gebeurd = geheven = getild ...
gehobene = getild = getilde ...
gehobenen = geheven = getild = getilde ...
gehobener = geheven = getild = getilde ...
gehobenes = geheven = getild = getilde ...
gehockt = gehurkt ...
gehofft = gehoopt ...
Gehöft = hoeve ...
Gehöfte = hoeven ...
Gehöften = hoeven ...
Gehöftes = hoeve ...
gehöhnt = gehoond = geschimpt ...
geholfen = geholpen ...
geholt = gehaald ...
gehopst = gehinkt ...
Gehör = auditie = gehoor ...
gehorche = gehoorzaam = opvolg ...
gehorchen = gehoorzamen = luisterennaar = luisteren naar = opvolgen ...
gehorcht = gehoorzaamd = gehoorzamen = opgevolgd = opvolgen = opvolgt ...
gehorchte = opvolgde ...
gehorchten = gehoorzaamden = opvolgden ...
gehorchtet = gehoorzaamden = opvolgden ...
gehöre = behoor ...
gehören = behoren = hoort = horen = behoort = toekomen ...
gehören zusammen = horen bij elkaar ...
gehörend = behorend ...
gehörende = behorende ...
gehörenden = behorend = behorende ...
gehörender = behorende ...
gehörendes = behorend = behorende ...
gehörig = behoorlijk = duchtig = flink = terdege ...
gehörige = behoorlijk = behoorlijke = bekwame = flink = flinke ...
gehörigem = flinke ...
gehörigen = behoorlijke = bekwame = flink = flinke ...
gehöriger = flink = flinke ...
gehöriges = bekwame = flink = flinke ...
Gehörs = gehoor ...
gehorsam = gehoorzaam = gehoorzaamheid ...
Gehorsams = gehoorzaamheid ...
gehörst = behoor = behoort = hoort ...
gehört = behoort = behoren = gehoord = gepast = hoort = horen = toegekomen = toekomen = toekomt ...
gehört sich = behoort ...
gehört zusammen = hoort bij elkaar ...
gehörte = behoorde = hoorde = paste = toekwam ...
gehörte sich = behoorde ...
gehörte zusammen = hoorde bij elkaar ...
gehörten = behoorden = behoorde = hoorde = hoorden = pasten = toekwamen ...
gehörten zusammen = hoorden bij elkaar ...
gehörtest = behoorde = hoorde ...
gehortet = opgepot ...
gehörtet = behoorden = hoorden ...
gehortete = opgepotte ...
Gehre = spruit ...
Gehrläufer = spruitloper ...
Gehrung = verstek ...
Gehrungssäge = verstekzaag ...
Gehrungswinkel = verstekhaak ...
gehst = ga = gaat = opstapt ...
gehst du vor = ga je te werk ...
gehst du weiter = ga je verder ...
gehst vor = gaat te werk ...
gehst weiter = gaat verder ...
gehst zu Tisch = gaat aan tafel ...
Gehsteig = voetpad ...
geht = gaat = gaan = kan = kàn = opstappen = opstapt ...
geht es wohl = went het wel ...
geht hervor = blijkt = vloeit voort ...
geht hoch = vliegt in de gordijnen ...
geht nicht auf bei = gaat niet op voor ...
geht vor = gaat te werk ...
geht vorüber = slijt ...
geht weiter = gaat verder ...
geht wohl an = valt wel mee ...
geht zu Tisch = gaat aan tafel ...
gehumpelt = gestrompeld ...
gehüpft = gehuppeld ...
gehupt = geclaxonneerd = getoeterd ...
gehuscht = geflitst ...
gehüstelt = gekucht ...
gehustet = gehoest ...
gehütet = gehoed = gewacht ...
geien = geien ...
Geier = gier ...
Geiers = gier ...
geifere = kwijl ...
geifern = kwijlen = kwijlt ...
geiferst = kwijl = kwijlt ...
geifert = kwijlen = kwijlt ...
geiferte = kwijlde ...
geiferten = kwijlde = kwijlden ...
geifertest = kwijlde ...
geifertet = kwijlden ...
Geige = viool ...
Geigenkasten = vioolkist ...
Geiger = violist ...
geignetes = geschikt ...
geil = oversekst ...
geile = oversekste ...
geilem = oversekste ...
geilen = oversekst = oversekste ...
geiler = oversekst = oversekste ...
geiles = oversekst = oversekste ...
geimpft = gevaccineerd = ingeënt ...
geimpfte = gevaccineerde = ingeënte ...
geirrt = vergist ...
Geiß = geit ...
Geisel = gijzelaar = gijzelaarster ...
Geißel = gesel ...
Geiseln = gijzelaars = gijzelaarsters ...
Geißeln = geselen = gesels ...
Geiser = geiser = geisers ...
Geisern = geisers ...
Geist = geest = vernuft ...
Geisterfahrer = spookrijder = spookrijders ...
Geisterfahrern = spookrijders ...
Geisterfahrers = spookrijder ...
Geistes = vernuft ...
Geistes- = geestelijk ...
geistesabwesend = wezenloos ...
geistesabwesende = wezenloos = wezenloze ...
geistesabwesendem = wezenloos = wezenloze ...
geistesabwesenden = wezenloos = wezenloze ...
geistesabwesender = wezenloos = wezenloze ...
geistesabwesendes = wezenloos = wezenloze ...
Geistesgegenwart = tegenwoordigheid van geest ...
geisteskrank = geestesziek = krankzinnig ...
geisteskranke = geestesziek = geesteszieke = krankzinnig = krankzinnige ...
geisteskrankem = geestesziek = geesteszieke = krankzinnig = krankzinnige ...
geisteskranken = geestesziek = geesteszieke = krankzinnig = krankzinnige ...
geisteskranker = geestesziek = geesteszieke = krankzinnig = krankzinnige ...
geisteskrankes = geestesziek = geesteszieke = krankzinnig = krankzinnige ...
geistig = geestelijk = geestrijk = verstandelijk ...
geistige = geestige = geestelijk = geestelijke = geestrijk = geestrijke = verstandelijk = verstandelijke ...
geistigem = geestelijk = geestelijke = geestrijk = geestrijke = verstandelijk = verstandelijke ...
geistigen = geestelijk = geestelijke = geestrijk = geestrijke = verstandelijk = verstandelijke ...
geistiger = geestelijk = geestelijke = geestrijk = geestrijke = verstandelijk = verstandelijke ...
geistiges = geestelijk = geestelijke = geestrijk = geestrijke = verstandelijk = verstandelijke ...
geistlich = geestelijk ...
Geistliche = geestelijke = geestelijk = geestelijken ...
geistlichem = geestelijk = geestelijke ...
geistlichen = geestelijk = geestelijke = geestelijken ...
Geistlicher = geestelijke = geestelijk ...
geistliches = geestelijk = geestelijke ...
Geistlichkeit = geestelijkheid ...
geistreich = geestig ...
geistreiche = geestig = geestige ...
geistreichem = geestig = geestige ...
geistreichen = geestig = geestige ...
geistreicher = geestig = geestige ...
geistreiches = geestig = geestige ...
geistvoll = geestrijk ...
geistvolle = geestrijk = geestrijke ...
geistvollem = geestrijk = geestrijke ...
geistvollen = geestrijk = geestrijke ...
geistvoller = geestrijk = geestrijke ...
geistvolles = geestrijk = geestrijke ...
Geitau = geitouw ...
Geiz = gierigheid = spaarzaamheid ...
Geizes = gierigheid ...
Geizhals = gierigaard = vrek ...
Geizhälse = gierigaards = vrekken ...
Geizhälsen = gierigaards = vrekken ...
Geizhalses = gierigaard = vrek ...
geizig = gierig = spaarzaam = vrekkig ...
geizige = gierig = gierige = vrekkig = vrekkige ...
geizigem = gierig = gierige = vrekkig = vrekkige ...
geizigen = gierig = gierige = vrekkig = vrekkige ...
geiziger = gierig = gierige = vrekkig = vrekkige ...
geiziges = gierig = gierige = vrekkig = vrekkige ...
gejagt = gejaagd = gejakkerd = jachtig ...
gejagte = jachtig = jachtige ...
gejagtem = jachtig = jachtige ...
gejagten = jachtig = jachtige ...
gejagter = jachtig = jachtige ...
gejagtes = jachtig = jachtige ...
Gejammer = gejammer ...
gejammert = gejammerd = gekermd ...
gejätet = gewied ...
gejauchzt = gejuicht ...
gejohlt = getierd ...
gejubelt = gejubeld = gejuicht ...
gejuckt = gejeukt ...
gekachelt = betegeld ...
gekachelten = betegeld ...
gekacheltes = betegeld ...
gekakelt = gekakeld ...
gekalkt = gekalkt ...
gekalkte = gekalkt = gekalkte ...
gekalkten = gekalkt = gekalkte ...
gekalkter = gekalkt = gekalkte ...
gekalktes = gekalkt = gekalkte ...
gekämmt = afgekamd = gekamd ...
gekämmte = afgekamde = gekamd = gekamde ...
gekämmten = afgekamde = gekamd = gekamde ...
gekämmter = gekamd = gekamde ...
gekämmtes = gekamd = gekamde ...
gekämpft = gekampt = geknokt = gevochten = geworsteld ...
gekannt = gekend ...
gekantet = gekanteld ...
gekantete = gekantelde ...
gekapert = gekaapt ...
gekaperte = gekaapt = gekaapte ...
gekapertem = gekaapt = gekaapte ...
gekaperten = gekaapt = gekaapte ...
gekaperter = gekaapt = gekaapte ...
gekapertes = gekaapt = gekaapte ...
gekappt = afgekapt = afgeknot = gekapt = geknot ...
gekappte = afgekapte = afgeknot = afgeknotte = gekapt = gekapte = geknot = geknotte ...
gekapptem = gekapt = gekapte = geknot = geknotte ...
gekappten = afgeknot = afgeknotte = gekapt = gekapte = geknot = geknotte ...
gekappter = afgeknot = afgeknotte = gekapt = gekapte = geknot = geknotte ...
gekapptes = afgeknot = afgeknotte = gekapt = gekapte = geknot = geknotte ...
gekartet = gekaart ...
gekatzbalgt = gestoeid ...
gekauft = gekocht = aangekocht ...
gekaufte = aangekocht = aangekochte = gekochte ...
gekauftem = aangekocht = aangekochte = gekochte ...
gekauften = aangekocht = aangekochte = gekochte ...
gekaufter = aangekocht = aangekochte = gekochte ...
gekauftes = aangekocht = aangekochte = gekochte ...
gekaut = gekauwd = gekloven ...
gekaute = gekauwd = gekauwde ...
gekauten = gekauwd = gekauwde ...
gekauter = gekauwd = gekauwde ...
gekautes = gekauwd = gekauwde = gekloven ...
gekegelt = gekegeld ...
gekehrt = gekeerd ...
gekehrte = gekeerde ...
gekeift = gekeven ...
gekeimt = gekiemd ...
gekennzeichnet = gekenschetst = gekentekend = getypeerd ...
gekennzeichnete = gekenschetst = gekenschetste = gekentekende = getypeerde ...
gekennzeichnetem = gekenschetst = gekenschetste ...
gekennzeichneten = gekenschetst = gekenschetste = gekentekend = gekentekende ...
gekennzeichneter = gekenschetst = gekenschetste = gekentekende ...
gekennzeichnetes = gekenschetst = gekenschetste = gekentekend ...
gekennzichnet = gekentekend ...
gekentert = gekenterd = kapseisd ...
gekenterte = gekenterd = gekenterde = kapseisde ...
gekentertem = gekenterd = gekenterde ...
gekenterten = gekenterd = gekenterde ...
gekenterter = gekenterd = gekenterde ...
gekentertes = gekenterd = gekenterde ...
gekenzeichneter = gekentekend ...
gekerbt = gekarteld = gekerfd = gekorven ...
gekerbte = gekarteld = gekartelde = gekerfd = gekorven ...
gekerbtem = gekarteld = gekartelde ...
gekerbten = gekarteld = gekartelde = gekerfd = gekorven ...
gekerbter = gekarteld = gekartelde ...
gekerbtes = gekarteld = gekartelde = gekerfd = gekorven ...
gekeucht = gehijgd = gezwoegd ...
gekichert = gegiecheld = gegrinnikt ...
gekillt = gekild ...
gekippt = gekanteld = gekiept = gezwenkt = omgekanteld ...
gekippte = gekantelde ...
gekitzelt = gekieteld ...
Gekläff = gekef ...
geklagt = geklaagd ...
geklammert = geklemd ...
geklammerte = geklemde ...
geklammerten = geklemde ...
geklammertes = geklemd ...
geklappert = geklapperd = geklepperd = gerammeld ...
geklappt = meegezeten ...
geklärt = geklaard ...
geklärte = geklaarde ...
geklärten = geklaard = geklaarde ...
geklärtes = geklaard ...
geklatscht = geklapt = gekletst = geplonsd = geroddeld ...
geklaut = gegapt = gekaaid = gerooid ...
geklaute = gekaaide = gerooide ...
geklebt = gekleefd = geplakt ...
geklebte = gekleefd ...
geklebtem = gekleefd ...
geklebten = gekleefd ...
geklebter = gekleefd ...
geklebtes = gekleefd ...
gekleckert = gemorst ...
gekleidet = gekleed ...
geklemmt = geklemd ...
geklemmte = geklemde ...
geklemmten = geklemd = geklemde ...
geklettert = geklauterd ...
geklickt = geklikt ...
Geklimper = geklingel ...
Geklingel = getuigel ...
geklingelt = gepingeld = gerinkeld ...
geklinkt = overnaads ...
geklinkte = overnaadse ...
geklinkten = overnaadse ...
geklinkter = overnaadse ...
geklinktes = overnaadse ...
geklirr = geklink ...
geklirrt = gekletterd ...
geklopft = geklopt = getikt ...
geklungen = geklonken ...
geknabbert = geknabbeld ...
geknackt = geknakt = gekraakt ...
geknackte = geknakte ...
geknallt = geklapt = geknald ...
geknallte = geklapte ...
geknarrt = geknarst ...
geknattert = gesputterd ...
geknetet = gekneed ...
geknetete = geknede ...
geknickt = geknakt = geknikt ...
geknickte = geknakte = geknikt = geknikte ...
geknickten = geknikt = geknikte ...
geknickter = geknikt = geknikte ...
geknicktes = geknikt = geknikte ...
gekniet = geknield ...
gekniffen = geknepen ...
geknipst = gekiekt = geknipt ...
geknipste = geknipte ...
geknirscht = geknerpt ...
geknistert = geknetterd = geritseld ...
geknittert = verkreukeld ...
geknöpft = geknoopt ...
geknöpfte = geknoopte ...
geknöpften = geknoopte ...
geknotet = geknoopt ...
geknotete = geknoopte ...
geknoteten = geknoopt = geknoopte ...
geknoteter = geknoopte ...
geknüpft = geknoopt ...
geknüpfte = geknoopte ...
geknüpten = geknoopte ...
geknurrt = gegromd = geknord ...
Geknutsche = gevrij ...
Geknutsches = gevrij ...
geknutscht = gevreeën = gevrijd ...
gekocht = gekookt = gezied = gezoden ...
gekochte = gekookt = gekookte ...
gekochten = gekookte = gekookt ...
gekochter = gekookt = gekookte ...
gekochtes = gekookt = gekookte ...
geködert = gepaaid ...
geköderte = gepaaid = gepaaide ...
geködertem = gepaaid = gepaaide ...
geköderten = gepaaid = gepaaide ...
geköderter = gepaaid = gepaaide ...
geködertes = gepaaid = gepaaide ...
gekommen = gekomen = uitgekomen ...
gekommene = uitgekomen ...
gekommenen = uitgekomen ...
gekommener = uitgekomen ...
gekommenes = uitgekomen ...
gekonnt = gekend = gekund ...
gekoppelt = gekoppeld ...
gekoppelte = gekoppeld = gekoppelde ...
gekoppeltem = gekoppeld = gekoppelde ...
gekoppelten = gekoppeld = gekoppelde ...
gekoppelter = gekoppeld = gekoppelde ...
gekoppeltes = gekoppeld = gekoppelde ...
gekörnt = korrelig ...
gekost = geliefkoosd ...
gekostet = gekost ...
gekracht = gekraakt ...
gekrängt = gekimd ...
gekränkelt = gekrukt ...
gekränkelte = gekrukte ...
gekränkt = gegriefd = gekrenkt ...
gekränkte = gekrenkte ...
gekratzt = gekrabbeld = gekrabd ...
gekrault = gekrauwd ...
gekräuselt = gekruld ...
gekräuselte = gekruld = gekrulde ...
gekräuseltem = gekruld = gekrulde ...
gekräuselten = gekruld = gekrulde ...
gekräuselter = gekruld = gekrulde ...
gekräuseltes = gekruld = gekrulde ...
gekreidet = gekrijt ...
gekreischt = gekrijst = geschaterd ...
gekreiselt = getold ...
gekreuzt = gekruist ...
gekreuzte = gekruist = gekruiste ...
gekreuzten = gekruist = gekruiste ...
gekreuzter = gekruist = gekruiste ...
gekreuztes = gekruist = gekruiste ...
gekribbelt = gekriebeld ...
gekriegt = gekregen ...
gekrimpt = gekrompen ...
Gekritzel = gekrabbel = krabbelschrift ...
gekrochen = gekropen ...
gekrümmt = bochtig = gekromd ...
gekrümmte = gekromd = gekromde ...
gekrümmtem = gekromd = gekromde ...
gekrümmten = gekromd = gekromde ...
gekrümmter = gekromd = gekromde ...
gekrümmtes = gekromd = gekromde ...
gekühlt = gekoeld ...
gekühlte = gekoeld = gekoelde ...
gekühltem = gekoeld = gekoelde ...
gekühlten = gekoeld = gekoelde ...
gekühlter = gekoeld = gekoelde ...
gekühlters Fleisch = gekoeld vlees ...
gekühltes = gekoeld = gekoelde ...
gekümmert = gescheeld ...
gekündigt = afgeschaft = gekondigd = opgezegd ...
gekündigte = afgeschafte = opgezegde ...
gekünstelt = gemaakt ...
gekürzt = verkort = bekort = geknot = ingekort ...
gekürzte = bekorte = geknot = geknotte = ingekort = ingekorte = verkort = verkorte ...
gekürztem = geknot = geknotte = ingekort = ingekorte = verkort = verkorte ...
gekürzten = bekort = bekorte = geknot = geknotte = ingekort = ingekorte = verkort = verkorte ...
gekürzter = geknot = geknotte = ingekort = ingekorte = verkort = verkorte ...
gekürztes = bekort = bekorte = geknot = geknotte = ingekort = ingekorte = verkort = verkorte ...
gekuschelt = genesteld ...
geküßt = gekust = gezoend ...
geküste = gekust ...
geküßten = gekust ...
geküßter = gekust ...
geküßtes = gekust ...
Gelaber = gezever ...
gelabt = gelaafd ...
gelabte = gelaafde ...
gelächelt = geglimlacht ...
gelacht = gelachen ...
Gelächter = gelach ...
Gelächters = gelach ...
geladen = geladen = ingeladen ...
Gelage = gelag = maal ...
gelagert = opgeslagen ...
gelagerte = opgeslagen ...
gelagertem = opgeslagen ...
gelagerten = opgeslagen ...
gelagerter = opgeslagen ...
gelagertes = opgeslagen ...
gelähmt = lam = verlamd ...
Gelähmte = lamme ...
Gelähmter = lamme ...
Gelände = terrein = terreinen ...
Geländelauf = veldloop ...
Geländelaufs = veldloop ...
Geländer = balustrade = leuning ...
Geländers = leuning ...
gelandet = beland = geland = neergekomen = terechtgekomen = verzeild geraakt ...
gelandete = belande = terechtgekomen ...
gelandeten = neergekomen ...
gelandetes = neergekomen ...
gelang = gelukte = lukte = slaagde ...
gelange = geraak ...
gelangen = geraken = komen ...
gelangst = geraak = geraakt ...
gelangt = geraakt = gereikt ...
gelangten = geraakten = slaagden ...
gelassen = bedaard = bezadigd = gelaten = kalm ...
gelassene = bedaarde ...
Gelassenheit = kalmte ...
gelästert = gelasterd ...
gelauert = geaasd = geloerd ...
gelaufen = doorgestapt = gelopen ...
geläufig = gangbaar ...
geläufige = gangbare ...
geläufigen = gangbare ...
geläufiges = gangbare ...
gelaugt = geloogd ...
gelaugte = geloogde ...
gelaunt = geluimd = gezind = gehumeurd ...
gelaunte = gehumeurd = gehumeurde = geluimd ...
gelauntem = gehumeurd = gehumeurde = geluimd ...
gelaunten = gehumeurd = gehumeurde = geluimd ...
gelaunter = gehumeurd = gehumeurde = geluimd ...
gelauntes = gehumeurd = gehumeurde = geluimd ...
gelauscht = geluisterd ...
Geläut = gelui ...
geläutet = gebeld = geluid ...
Geläuts = gelui ...
gelb = geel ...
gelbe = geel = gele ...
gelben = geel = geeltje = gele ...
gelber = geel = geeltje = gele ...
gelber Ackerklee = liggende klaver ...
gelbes = geel = gele ...
Gelbklee = hopklaver ...
Gelbkörper = geellichaam ...
gelblich = geelachtig ...
gelbliche = geelachtig = geelachtige ...
gelblichem = geelachtig = geelachtige ...
gelblichen = geelachtig = geelachtige ...
gelblicher = geelachtig = geelachtige ...
gelbliches = geelachtig = geelachtige ...
Gelbsucht = geelzucht ...
Gelcoat = gelcoat ...
Gelcoatschicht = gelcoatlaag ...
Geld = geld = poen ...
Geld abziehen = geld afhouden ...
Geld- = financieel = geldelijk = geldelijke ...
Geldautomat = bankomaat ...
Geldbuße = geldboete ...
Gelder = gelden ...
Geldschein = bankbiljet = biljet ...
Geldscheine = biljetten ...
Geldscheinen = biljetten ...
Geldscheins = biljet ...
Geldstrafe = boete = geldboete ...
Geldstrafen = boetes ...
Geldstück = lekkertje ...
Geldstückchen = geldstukje ...
Geldstücke = lekkertjes ...
Geldstücken = lekkertjes ...
Geldstücks = lekkertje ...
Geldwäscherei = witwasserij ...
gelebt = geleefd ...
geleckt = gelikt ...
geleckte = gelikte ...
geledert = gelapt ...
Gelee = gelei ...
geleert = geledigd = geleegd ...
geleerte = geledigd = geledigde = geleegd = geleegde = leeggemaakte ...
geleertem = geleegd = geleegde ...
geleerten = geledigd = geledigde = geleegd = geleegde ...
geleerter = geledigd = geledigde = geleegd = geleegde ...
geleertes = geledigd = geledigde = geleegd = geleegde ...
Gelees = gelei ...
Gelege = teelt = teelten ...
gelegen = gelegen = teelten = van pas ...
gelegen kommen = van pas komen ...
gelegen kommst = van pas komt ...
gelegen kommt = van pas komen = van pas komt ...
Gelegenheit = gelegenheid ...
Gelegenheiten = gelegenheden ...
Gelegenheitsarbeiter = loswerkman ...
Gelegenheitskauf = koopje ...
gelegentlich = incidenteel ...
gelegentliche = incidentele ...
gelegt = gelegd = geleid ...
gelegte = gelegde ...
gelegtem = gelegde ...
gelegten = gelegde ...
gelegter = gelegde ...
gelegtes = gelegde ...
gelehnt = geleund ...
gelehnte = geleunde ...
gelehrig = goedleers = leerzaam ...
gelehrige = goedleers = goedleerse ...
gelehrigem = goedleers = goedleerse ...
gelehrigen = goedleers = goedleerse ...
gelehriger = goedleers = goedleerse ...
gelehriges = goedleers = goedleerse ...
Gelehrsamkeit = geleerdheid ...
gelehrt = geleerd ...
Gelehrte = geleerde = geleerd = geleerden ...
gelehrtem = geleerd = geleerde ...
gelehrten = geleerd = geleerde = geleerden ...
Gelehrter = geleerde = geleerd ...
gelehrtes = geleerd = geleerde ...
Gelehrtheit = geleerdheid ...
geleimt = gelijmd ...
geleimte = gelijmd = gelijmde ...
geleimtem = gelijmd = gelijmde ...
geleimten = gelijmd = gelijmde ...
geleimter = gelijmd = gelijmde ...
geleimtes = gelijmd = gelijmde ...
geleistet = gepresteerd ...
geleistete = gepresteerde ...
Geleit = geleide ...
geleitet = beheerd = bestierd = bestuurd = gerund = gevoerd ...
geleitete = beheerde = bestierde = gerunde = gevoerde ...
geleiteten = bestuurd ...
geleitetes = bestuurd ...
Geleitschutz = escorteren = vrijgeleide ...
Gelenk = gewricht = lid ...
Gelenke = gewrichten = leden ...
Gelenkentzündung = gewrichtsontsfeking ...
gelenkig = lenig = scharnierend = soepel ...
gelenkige = lenig = lenige = scharnierend = scharnierende ...
gelenkigem = lenig = lenige ...
gelenkigen = lenig = lenige = scharnierend = scharnierende = soepel = soepele ...
gelenkiger = lenig = lenige = scharnierend = scharnierende = soepele ...
gelenkiges = lenig = lenige = scharnierend = scharnierende = soepel = soepele ...
Gelenkrollen = hoekrollen ...
gelenkt = bestierd = gestuurd ...
gelenkte = bestierde = gestuurde ...
gelenkte Wirtschaft = geleide economie ...
gelenkten = gestuurde ...
gelenkter = gestuurde ...
gelenktes = gestuurd ...
gelernt = geschoold = geleerd ...
gelesen = gelezen ...
geleugnet = geloochend = ontkend ...
geleugnete = ontkende ...
geliebt = bemint = geliefd = liefgehad ...
Geliebte = minnaar = minnares = bijzit = geliefd = geliefde = lief = minnaressen ...
geliebtem = geliefd = geliefde ...
Geliebten = bijzit = bijzitten = geliefd = geliefde = minnaars = minnaren ...
Geliebter = minnaar = geliefd = geliefde = lief ...
geliebtes = geliefd = geliefde ...
geliefert = geleverd = opgeleverd ...
geliefert sein = erbij zijn ...
gelieferte = geleverd = geleverde ...
geliefertem = geleverde ...
gelieferten = geleverd = geleverde ...
gelieferter = geleverd = geleverde ...
geliefertes = geleverd = geleverde ...
geliehen = geleend ...
geliehene = geleend = geleende ...
geliehenen = geleend = geleende ...
geliehener = geleend = geleende ...
geliehenes = geleend = geleende ...
gelindert = gelenigd ...
gelinderte = gelenigd = gelenigde ...
gelindertem = gelenigd = gelenigde ...
gelinderten = gelenigd = gelenigde ...
gelinderter = gelenigd = gelenigde ...
gelindertes = gelenigd = gelenigde ...
gelingen = gelukken = lukken = slagen = welslagen ...
Gelingens = welslagen ...
gelingt = gelukt = lukt = slaagt = slagt ...
gelispelt = gelispeld = geslist ...
gelispelte = gesliste ...
gelispelten = gesliste ...
gelispelter = gesliste ...
gelispeltes = geslist ...
gelitten = geleden ...
gellend = snerpend ...
gellende = snerpend = snerpende ...
gellendem = snerpend = snerpende ...
gellenden = snerpend = snerpende ...
gellender = snerpend = snerpende ...
gellendes = snerpend = snerpende ...
geloben = plechtig beloven ...
gelobhudelt = geflikflooid ...
Gelöbnis = eed = gelofte ...
Gelöbnisses = eed ...
gelobt = geloofd = geprezen = geroemd ...
gelobte = geroemde ...
gelocht = geponst ...
gelochte = geponst = geponste ...
gelochten = geponst = geponste ...
gelochtes = geponste ...
gelockert = losgedraaid = ontspannen ...
gelockerte = losgedraaid = losgedraaide = ontspannen ...
gelockertem = losgedraaid = losgedraaide ...
gelockerten = losgedraaid = losgedraaide = ontspannen ...
gelockerter = losgedraaid = losgedraaide = ontspannen ...
gelockertes = losgedraaid = losgedraaide = ontspannen ...
gelockt = gelokt ...
gelockte = aangelokte ...
gelodert = gelaaid ...
gelogen = gelogen ...
gelohnt = geloond ...
gelohnte = geloonde ...
gelöscht = geblust = gedoofd = gelest = gelost = geschrapt = gewist = uitgewist ...
gelöschte = geblust = gebluste = gedoofde = geleste = geloste = gewist = gewiste = uitgewist = uitgewiste ...
gelöschtem = geblust = gebluste = gewist = gewiste = uitgewist = uitgewiste ...
gelöschten = geblust = gebluste = gewist = gewiste = uitgewist = uitgewiste ...
gelöschter = geblust = gebluste = gewist = gewiste = uitgewist = uitgewiste ...
gelöschtes = geblust = gebluste = gewist = gewiste = uitgewist = uitgewiste ...
gelöst = gelost = onthecht = ontspannen = opgelost ...
gelöste = geloste = onthecht = ontspannen ...
gelöstem = onthecht ...
gelösten = onthecht ...
gelöster = onthecht = ontspannen ...
gelöstes = onthecht = ontspannen ...
gelotet = gelood ...
gelötet = gesoldeerd ...
gelotete = gelode = gelood ...
gelötete = gesoldeerde ...
gelotetem = gelode = gelood ...
geloteten = gelode = gelood ...
geloteter = gelode = gelood ...
gelotetes = gelode = gelood ...
gelte = geld ...
gelten = gelden = geldt ...
geltend machen = doen gelden ...
geltende = geldende ...
geltendem = geldende ...
geltenden = geldende ...
geltender = geldende ...
geltendes = geldende ...
geltet = gelden ...
Geltung = geldigheid ...
Geltungsgebiet = toepassingsgebied ...
Gelübde = gelofte ...
gelüftet = ventilerd = geventileerd = opgelicht ...
gelüftete = geventileerd = geventileerde = opgelichte ...
gelüftetem = geventileerd = geventileerde ...
gelüfteten = geventileerd = geventileerde ...
gelüfteter = geventileerd = geventileerde ...
gelüftetes = geventileerd = geventileerde ...
gelungen = leuk = gelukt ...
gelungene = gelukte ...
gelungenen = gelukt = gelukte ...
gelungener = gelukte ...
gelungenes = gelukt ...
geluvt = geloefd ...
gemächlich = gezapig = op zijn gemak = rustig ...
gemächliche = gezapig = gezapige ...
gemächlichem = gezapig = gezapige ...
gemächlichen = gezapig = gezapige ...
gemächlicher = gezapig = gezapige ...
gemächliches = gezapig = gezapige ...
Gemächlichkeit = gemak ...
gemacht = gemaakt = gedaan = gepleegd = opgegaan ...
gemacht haben würde = zou hebben gemaakt ...
gemacht hat = heeft gemaakt ...
gemacht ist = is gemaakt ...
gemacht werden muß = gemaakt hoeft worden ...
gemacht werden wird = zal worden gebracht ...
gemacht wird = gemaakt gaat worden = wordt gemaakt ...
Gemächt = kruis ...
gemachte = gemaakte = gepleegde ...
gemachten = gemaakt = gemaakte ...
gemachter = gemaakt = gemaakte ...
gemachtes = gemaakt = gepleegd = gepleegde ...
Gemächts = kruis ...
Gemahl = gemaal ...
gemahlen = gemalen ...
gemahlene = gemalen ...
gemahlenem = gemalen ...
gemahlenen = gemalen ...
gemahlener = gemalen ...
gemahlenes = gemalen ...
Gemahlin = gemaal = gemalin ...
Gemahlinnen = gemalinnen ...
gemahlt = gemaald ...
gemahnt = aangemaand = gemaand ...
gemahnte = aangemaande = gemaande ...
gemäht = gemaaid ...
gemäkelt = gevit = gezift ...
Gemälde = doek = doeken = schilderij = schilderijen = schilderstuk = schilderstukken ...
Gemäldeausstellung = schilderijententoonstelling ...
Gemäldeausstellungen = schilderijententoonstellingen ...
Gemälden = doeken = schilderijen = schilderstukken ...
Gemäldes = schilderij = schilderstuk ...
gemalt = geschilderd ...
gemangelt = geschort ...
gemäß = overeenkomstig = volgens = blijkens = in overeenstemming met = ingevolge ...
gemäße = overeenkomstige ...
gemäßigt = gematigd = getemperd ...
gemäßigte = gematigd = gematigde = getemperde ...
gemäßigtem = gematigd = gematigde ...
gemäßigten = gematigd = gematigde ...
gemäßigter = gematigd = gematigde ...
gemäßigtes = gematigd = gematigde ...
gemästet = afgemest = vetgemest ...
gemästete = vetgemeste ...
gemauert = gemetseld ...
gemauerten = gemetseld ...
gemauerter = gemetseld ...
gemauertes = gemetseld ...
gemeckert = geblaat = gezeikt = gezeken ...
gemein = gemeen = vuig = vilein ...
Gemeinde = gemeente = kommune ...
Gemeindeamt = gemeentehuis ...
Gemeindebulle = verenigingsstier ...
Gemeindeknotenpunkt = knooppuntgemeenten ...
Gemeinden = Gemeenten = gemeentes ...
Gemeindeverwaltung = gemeentebesturen = gemeentebestuur ...
Gemeindevorstand = gemeentebesturen = gemeentebestuur ...
gemeine = gemeen = gemene = vilein = vileine = vuig = vuige ...
gemeinem = gemeen = gemene = vilein = vileine = vuig = vuige ...
gemeinen = gemeen = gemene = vilein = vileine = vuig = vuige ...
gemeiner = gemeen = gemene = vilein = vileine = vuig = vuige ...
gemeines = gemeen = gemene = vilein = vileine = vuig = vuige ...
Gemeingut = gemeengoed ...
Gemeinheit = laagheid*Verbrechen ...
Gemeinheiten = laagheden ...
Gemeinnutz = algemeen nut ...
gemeinnützig = van algemeen nut ...
gemeinsam = gemeenschappelijk = gemeen = gezamenlijk ...
gemeinsame = gemeen = gemene = gezamenlijk = gezamenlijke ...
gemeinsamem = gemeen = gemene = gezamenlijk ...
gemeinsamen = gemeen = gemene = gezamenlijk ...
gemeinsamer = gemeen = gemene = gezamenlijk ...
Gemeinsamer Markt = Euromarkt ...
gemeinsames = gemeen = gemene = gezamenlijk ...
Gemeinsamkeit = saamhorigheid ...
Gemeinschaft = gemeenschap ...
gemeinschaftlich = gemeenschappelijk = gezamenlijk ...
gemeinschaftliche = gemeenschappelijk = gemeenschappelijke = gezamenlijke ...
gemeinschaftlichem = gemeenschappelijk = gemeenschappelijke ...
gemeinschaftlichen = gemeenschappelijk = gemeenschappelijke ...
gemeinschaftlicher = gemeenschappelijk = gemeenschappelijke ...
gemeinschaftliches = gemeenschappelijk = gemeenschappelijke ...
Gemeinschafts- = gemeenschappelijk = gemeenschappelijke ...
Gemeinschaftsausschreibungen = gemeenschapuitschrivingen ...
Gemeinschaftsgeist = gemeenschapszin ...
Gemeinschaftssinn = gemeenschapszin ...
Gemeinsinn = gemeenschapszin ...
Gemeinsinns = gemeenschapszin ...
gemeint = bedoeld = gemeend = van mening geweest ...
gemeint wird = wordt bedoeld ...
gemeldet = aangediend = bericht = gemeld = gerapporteerd = vermeld ...
gemeldete = bericht = berichte = gerapporteerd = gerapporteerde ...
gemeldetem = berichte = gerapporteerd = gerapporteerde ...
gemeldeten = bericht = berichte = gerapporteerd = gerapporteerde ...
gemeldeter = bericht = berichte = gerapporteerd = gerapporteerde ...
gemeldetes = bericht = berichte = gerapporteerd = gerapporteerde ...
Gemenge = mengeling = mengsel ...
gemennigte = gemeniede ...
gemerkt = gemerkt ...
gemerkte = gemerkte ...
gemessen = gemeten ...
gemeuerte = gemetseld ...
gemeutert = gemuit ...
gemieden = gemeden ...
gemiedene = gemeden ...
gemiedenem = gemeden ...
gemiedenen = gemeden ...
gemiedener = gemeden ...
gemiedenes = gemeden ...
gemietet = gehuurd ...
gemildert = gelenigd = verzacht ...
gemilderte = gelenigd = gelenigde = verzachte ...
gemildertem = gelenigd = gelenigde ...
gemilderten = gelenigd = gelenigde ...
gemilderter = gelenigd = gelenigde = verzachte ...
gemildertes = gelenigd = gelenigde = verzachte ...
gemindert = weerhouden ...
Gemisch = mengsel = mensel = mengeling = mengelmoes = mengsmering ...
Gemisch aus Kot und Harn = mengsel van koedreg en strooisel ...
gemischt = gemengd = vermengd ...
gemischte = gemengd = gemengde = vermengde ...
gemischtem = gemengd = gemengde ...
gemischten = gemengd = gemengde ...
gemischter = gemengder = gemengd = gemengde ...
gemischtes = gemengde = gemengd ...
gemistet = gemest ...
gemittelt = gemiddeld ...
gemittelte = gemiddelde ...
gemittelter = gemiddelde ...
gemlderten = verzachte ...
gemocht = gebliefd = gekund = gelust = gemogen = gemoogd = verkozen ...
gemogelt = gesmokkeld ...
gemolken = gemolken ...
Gemse = gems ...
Gemsen = gemzen ...
gemuckt = tegengesputterd = tegengestribbeld ...
gemündet = uitgemond ...
gemündete = uitgemonde ...
gemurkst = geknoeid ...
gemurkste = geknoeid = geknoeide ...
gemurksten = geknoeid = geknoeide ...
gemurkster = geknoeid = geknoeide ...
gemurkstes = geknoeid = geknoeide ...
Gemurmel = gemompel ...
gemurmelt = gemompeld = gepreveld ...
gemurrt = gemopperd = gemord = gesputterd ...
gemurrte = gemopperde ...
gemurrten = gemopperde ...
Gemüse = groente = groenten ...
Gemüsebauer = groenteboer ...
Gemüsegarten = moestuin ...
Gemüsegärten = moestuinen ...
Gemüsehändler = groenteboer ...
Gemüseladen = groentewinkel ...
Gemüsemais = groente mais ...
Gemüsesalat = groentesla ...
gemußt = gehoeven = gemoeten ...
gemustert = gemonsterd ...
gemusterte = gemonsterde ...
Gemüt = gemoed = inborst = verteder = vertederd = vertederde = vertederden = vertederen = vertedert ...
Gemüter = gemoederen ...
gemütlich = genoeglijk = gezellig = knus = knusjes = gemakkelijk = gemoedelijk ...
gemütliche = gemoedelijk = gemoedelijke = gezellig = gezellige = knus = knusse ...
gemütlichem = gemoedelijk = gemoedelijke = knus = knusse ...
gemütlichen = gemoedelijk = gemoedelijke = gezellig = gezellige = knus = knusse ...
gemütlicher = gemakkelijker = gemoedelijk = gemoedelijke = gezellige = gezelliger = knus = knusse ...
gemütliches = gemoedelijk = gemoedelijke = gezellig = gezellige = knus = knusse ...
Gemütlichkeit = gezelligheid ...
gemütlichst = gezelligst ...
gemütlichste = gezelligst ...
Gemüts = inborst ...
Gemütsbewegung = affectie ...
Gemütsruhe = gemak = gemoedsrust ...
Gemütsverfassung = gemoedstoestand ...
genagelt = gespijkerd ...
genagelte = gespijkerd = gespijkerde ...
genageltem = gespijkerd = gespijkerde ...
genagelten = gespijkerd = gespijkerde ...
genagelter = gespijkerd = gespijkerde ...
genageltes = gespijkerd = gespijkerde ...
genagt = gekloven ...
genagten = gekloven ...
genähert = benaderd = genaderd ...
genäht = gehecht = genaaid ...
genähte = genaaid = genaaide ...
genähtem = gehechte ...
genähten = gehecht = gehechte = genaaid = genaaide ...
genähter = gehecht = gehechte = genaaid = genaaide ...
genähtes = gehecht = gehechte = genaaid = genaaide ...
genannt = genoemd = genaamd ...
genannt werden = worden genoemd ...
genannte = genaamd = genaamde = genoemde ...
genanntem = genaamd = genaamde ...
genannten = genoemten = genaamd = genaamde = genoemde ...
genannter = genaamd = genaamde = genoemde ...
genanntes = genaamd = genaamde = genoemde ...
genas = genas ...
genascht = gesnoept ...
genasen = genas = genazen ...
genasest = genas ...
genaset = genazen ...
genau = nauwkeurig = precies = exact = nauw = nauwgezet = nét = secuur = stipt ...
genau so = net zo ...
genaue = exact = exacte = nauwe = nauwgezette = nauwkeurig = nauwkeurige = precieze = secure = secuur = stipte ...
genaue Untersuchung = nauwkeurig onderzoek ...
genauem = exact = exacte = precieze = secure = secuur ...
genauen = exact = exacte = nauwe = nauwkeurig = nauwkeurige = precieze = secure = secuur ...
genauer = exact = exacte = nauwkeurig = nauwkeurige = nauwkeuriger = netter = precieze = secure = secuur ...
genauere = nauwkeuriger = nauwkeurigere = nettere ...
genauerem = nauwkeuriger = nauwkeurigere ...
genaueren = nauwkeuriger = nauwkeurigere ...
genauerer = nauwkeuriger = nauwkeurigere ...
genaueres = nauwkeuriger = nauwkeurigere ...
genaues = exact = exacte = nauw = nauwe = nauwkeurig = nauwkeurige = precieze = secure = secuur ...
Genauigkeit = nauwkeurigheid = precisie ...
genauso = even ...
genausogut = evengoed = voor hetzelfde geld ...
Gendamerie = marechausse = rijkswacht ...
geneckt = geplaagd ...
geneckte = geplaagde ...
genehmige = goedkeur ...
genehmigen = goedkeuren = goedkeurt ...
genehmigt = goedgekeurd = goedkeurt ...
genehmigte = goedgekeurde = goedkeurde ...
genehmigten = goedgekeurde = goedkeurde = goedkeurden ...
genehmigter = goedgekeurde ...
genehmigtes = goedgekeurd ...
genehmigtet = goedkeurden ...
Genehmigung = goedkeuring = vergunning ...
Genehmigungen = vergunningen ...
geneigt = genegen = geneigd = geneigd tot = geheld = gezind = hellend ...
geneigte = geneigd = geneigde = gezind = gezinde = hellend = hellende ...
geneigtem = geneigd = geneigde = gezind = gezinde = hellend = hellende ...
geneigten = geneigd = geneigde = gezind = gezinde = hellend = hellende ...
geneigter = geneigd = geneigde = gezind = gezinde = hellend = hellende ...
geneigtes = geneigd = geneigde = gezind = gezinde = hellend = hellende ...
Geneigtheit = genegenheid ...
General = generaal ...
General- = generaal ...
Generaldebatte = algemene beraadslaging ...
Generaldirektor = directeur-generaal = directeur generaal ...
Generäle = generaals ...
Generälen = generaals ...
Generalkonsul = consul generaal ...
Generalkonsuls = consul generaal ...
Generalprobe = generale repetitie ...
Generalstaatsanwalt = procureurgeneraal ...
Generation = generatie ...
Generationen = generaties ...
Generator = generator ...
genese = genees ...
genesen = genezen = geneest ...
Genesende = herstellende zieke ...
genest = genees = geneest = genezen ...
Genesung = genezing = herstel ...
Genever = jenever ...
genial = geniaal ...
geniale = geniaal = geniale ...
genialem = geniaal = geniale ...
genialen = geniaal = geniale ...
genialer = geniaal = geniale ...
geniales = geniaal = geniale ...
Genick = nek ...
genickt = geknikt ...
Genie = genie ...
geniere = geneer ...
genieren = generen = geneert ...
genierst = geneer = geneert ...
geniert = gegeneerd = geneert = generen ...
genierte = geneerde ...
genierten = geneerde = geneerden ...
geniertest = geneerde ...
geniertet = geneerden ...
genieße = geniet ...
genieselt = gemiezerd = gemotregend ...
genießen = genieten = geniet ...
geniest = geniesd = geniest ...
genießt = geniet = genieten ...
genietet = geklonken = vastgeklonken ...
genietete = geklonken ...
genistet = genesteld ...
genommen = genomen = gepakt = ontnomen ...
genommen werden = worden genomen ...
genommene = gepakte ...
genommenen = gepakte ...
genommener = gepakte ...
genörgelt = gekankerd = gemolken = gezanikt ...
genoß = genoot ...
Genosse = kameraad = makker ...
genossen = genoot = genoten ...
genossene = genoten ...
genossenen = genoten ...
Genossenschaft = cooperatie = cooperatieve vereniging = coöperatie = coöperatieve vereniging ...
Genossenschaften = coöperatieve verenigingen ...
Genossenschaftsbulle = verenigingsstier ...
genossest = genoot ...
genosset = genoten ...
Genossin = kameraad ...
genötigt = genoodzaakt = genoopt ...
genötigt werden = worden genoodzaakt ...
genötigte = genoopte ...
genug = genoeg = welletjes ...
genüge = voldoe = volsta ...
genügen = voldoen = volstaan = volstaat ...
genügend = valdoende = voeldoende = voldoende ...
genügend Raum = voldoende ruimte ...
genügsam = sober ...
genügst = voldoe = volsta = volstaat ...
genügt = voldaan = voldoen = voldoet = volstaan = volstaat ...
genügte = voldeed = volstond ...
genügten = voldeden = volstond = volstonden ...
genügtest = volstond ...
genügtet = volstonden ...
Genugtuung = genoegdoening = voeldoening = voldoening ...
Genuß = gebruik*Essen = genot = consumptie ...
Genusses = consumptie ...
genutzes = gebaat ...
genutzt = gebaat = uitgehaald ...
genützt = gebaat ...
genutzte = uitgehaalde ...
geöffnet = geopend = open = ontsloten = opengedaan = opengemaakt = opengezet ...
geöffnete = geopend = geopende = opengezet = opengezette ...
geöffnetem = geopend = geopende = opengezet = opengezette ...
geöffneten = geopend = geopende = opengezet = opengezette ...
geöffneter = geopend = geopende = opengezet = opengezette ...
geöffnetes = geopend = geopende = opengezet = opengezette ...
Geograph = aardvijkskundige ...
Geographie = aardrijkskunde ...
geographisch = geografisch ...
geographische = geografisch = geografische ...
geographische Sichtweite = geografische dracht ...
geographischem = geografisch = geografische ...
geographischen = geografisch = geografische ...
geographischer = geografisch = geografische ...
geographisches = geografisch = geografische ...
Geometrie = meetkunde ...
geometrisch = meetkundig ...
geometrische = meetkundig = meetkundige ...
geometrischem = meetkundig = meetkundige ...
geometrischen = meetkundig = meetkundige ...
geometrischer = meetkundig = meetkundige ...
geometrisches = meetkundig = meetkundige ...
geopfert = geofferd ...
geopferte = geofferd = geofferde ...
geopfertem = geofferd = geofferde ...
geopferten = geofferd = geofferde ...
geopferter = geofferd = geofferde ...
geopfertes = geofferd = geofferde ...
geordnet = gerangschikt = geschikt = ordelijk ...
geordnete = gerangschikt = gerangschikte = geschikte = ordelijke ...
geordnetem = gerangschikt = gerangschikte ...
geordneten = gerangschikt = gerangschikte ...
geordneter = gerangschikt = gerangschikte ...
geordnetes = gerangschikt = gerangschikte ...
geöst = gehoosd ...
gepaart = gepaard ...
gepaarte = gepaard = gepaarde ...
gepaartem = gepaarde ...
gepaarten = gepaard = gepaarde ...
gepaarter = gepaard = gepaarde ...
gepaartes = gepaard = gepaarde ...
gepachtet = gepacht ...
gepachtete = gepachte ...
Gepäck = bagage ...
Gepäckabfertigung = bagagebureau ...
Gepäckablage = bagagerek ...
Gepäckablagen = bagagerekken ...
Gepäckannahme = bagagebureau ...
Gepäckannahmestelle = bagagebureau ...
Gepäckaufbewahrung = bagagedepot ...
Gepäckaufgabe = aangifte van bagage ...
Gepäckhalter = bagagerek ...
Gepäckschein = bagagerecu = bagagere&ccdil;u ...
Gepäckscheins = bagagere&ccdil;u ...
Gepäckschließfach = bagagekluis ...
gepackt = gepakt ...
gepackte = gepakte ...
gepackten = gepakt = gepakte ...
gepackter = gepakt = gepakte ...
gepacktes = gepakt ...
Gepäckträger = bagagedrager = kruier = bagagedragers = kruiers ...
Gepäckträgern = bagagedragers = kruiers ...
Gepäckträgers = bagagedrager = kruier ...
Gepäckversicherung = bagageverzekering ...
gepaddelt = gepeddeld ...
geparkt = geparkeerd ...
geparkte = geparkeerde ...
geparkten = geparkeerde ...
geparktes = geparkeerde ...
gepaßt = gepast ...
gepeilt = gepeild ...
gepeilte = gepeild = gepeilde ...
gepeiltem = gepeild = gepeilde ...
gepeilten = gepeild = gepeilde ...
gepeilter = gepeild = gepeilde ...
gepeiltes = gepeild = gepeilde ...
gepeinigt = gepijnigd ...
gepellt = gepeld ...
gepellte = gepelde ...
gependelt = gependeld = geslingerd ...
gependelte = gependelde ...
geperlt = gefonkeld ...
gepetzt = geklikt ...
gepfeffert = gepeperd = geleld ...
gepfeffert sind = er niet om liegen ...
gepfefferte = gelelde = gepeperd = gepeperde ...
gepfeffertem = gepeperd = gepeperde ...
gepfefferten = gepeperd = gepeperde ...
gepfefferter = gepeperd = gepeperde ...
gepfeffertes = gepeperd = gepeperde ...
gepfiffen = gefloten ...
gepflegt = gekoesterd = onderhouden = plegen = verpleegd = verpleegde ...
gepflegte = gekoesterde = onderhouden = verpleegd = verpleegde ...
gepflegtem = onderhouden ...
gepflegten = onderhouden = verpleegd = verpleegde ...
gepflegter = onderhouden = verpleegd = verpleegde ...
gepflegtes = gekoesterd = onderhouden = verpleegd = verpleegde ...
Gepflogenheit = usance ...
gepflückt = geplukt ...
gepflückte = geplukte ...
gepfropft = gepropt ...
gepfropfte = gepropte ...
gepfuscht = geknoeid = gekrukt ...
gepfuschte = geknoeide = gekrukte ...
gepichelt = gepimpeld ...
gepiesackt = gejend = genegerd ...
gepimpert = gevoosd ...
gepinkelt = gepiest ...
gepinselt = gepenseeld ...
gepinselte = gepenseelde ...
gepißt = gezeikt = gezeken ...
geplagt = geplaagd = geteisterd ...
geplagte = geplaagde = geteisterd = geteisterde ...
geplagtem = geteisterd = geteisterde ...
geplagten = geteisterd = geteisterde ...
geplagter = geteisterd = geteisterde ...
geplagtes = geteisterd = geteisterde ...
geplant = beraamd = gebrouwen = gepland = werk in aanleg ...
geplante = geplande = beraamde ...
geplanten = beraamde ...
geplantscht = geploeterd ...
Geplapper = gebazel ...
geplärrt = gejankt = geschetterd ...
geplätschert = gekabbeld ...
geplatzt = gebarsten = geklapt ...
geplatzte = gebarsten = geklapt = geklapte ...
geplatztem = gebarsten = geklapte ...
geplatzten = gebarsten = geklapt = geklapte ...
geplatzter = gebarsten = geklapt = geklapte ...
geplatztes = gebarsten = geklapt = geklapte ...
Geplauder = gebabbel = gepraat ...
Geplauders = gebabbel ...
geplumpst = geploft = geplonsd = neergeploft ...
geplündert = geplunderd ...
geplünderte = geplunderde ...
gepocht = gesnoefd ...
gepökelt = gepekeld ...
gepökelte = gepekeld = gepekelde ...
gepökeltem = gepekeld = gepekelde ...
gepökelten = gepekeld = gepekelde ...
gepökelter = gepekeld = gepekelde ...
gepökeltes = gepekeld = gepekelde ...
gepökeltes Fleisch = pekelvlees ...
Gepolter = geraas ...
gepoltert = gestommeld ...
Gepräge = cachet ...
geprägt = geslagen ...
geprahlt = gepocht = gepraald = gesnoefd = gestoft ...
geprallte = gebonkte ...
geprangt = geprijkt ...
geprasselt = gekletterd = geknetterd ...
gepredigt = gepredikt = gepreekt ...
gepreist = geprijsd ...
geprellt = gekneusd = getild ...
geprellte = gekneusd = gekneusde = getild = getilde ...
geprelltem = gekneusd = gekneusde ...
geprellten = gekneusd = gekneusde = getild = getilde ...
geprellter = gekneusd = gekneusde = getild = getilde ...
geprelltes = gekneusd = getild = getilde ...
gepreßt = geklemd = geperst ...
gepreßte = geklemde = geperst = geperste ...
gepreßtem = geperst = geperste ...
gepreßten = geklemde = geperst = geperste ...
gepreßter = geperst = geperste ...
gepreßtes = geklemd = geperst = geperste ...
gepreßtes Futter = brokjes ...
geprickelt = geprikkeld = getinteld ...
geprickelte = geprikkeld = geprikkelde ...
geprickeltem = geprikkeld = geprikkelde ...
geprickelten = geprikkeld = geprikkelde ...
geprickelter = geprikkeld = geprikkelde ...
geprickeltes = geprikkeld = geprikkelde ...
gepriesen = geloofd ...
geprobt = gerepeteerd ...
geprobte = gerepeteerde ...
geprüft = gekeurd = gemonsterd = geprobeerd = geproefd = getoetst = nagegaan ...
geprüfte = gekeurd = gekeurde = gemonsterde = geprobeerd = geproefd = geproefde = getoetst = getoetste ...
geprüftem = gekeurd = gekeurde = geprobeerd ...
geprüften = gekeurd = gekeurde = geprobeerd = geproefd = geproefde = getoetst = getoetste ...
geprüfter = gekeurd = gekeurde = geprobeerd = geproefd = geproefde = getoetst = getoetste ...
geprüftes = gekeurd = gekeurde = geprobeerd = geproefd = geproefde = getoetst = getoetste ...
geprügelt = geranseld ...
geprunkt = geprijkt = gepronkt ...
geprustet = geproest ...
gepufft = gepoft ...
gepuffte = gepofte ...
gepumpt = gepompt ...
gepumpte = gepompt = gepompte ...
gepumptem = gepompt = gepompte ...
gepumpten = gepompt = gepompte ...
gepumpter = gepompt = gepompte ...
gepumptes = gepompt = gepompte ...
gepunktet = gestippeld ...
gepurzelt = geduikeld = gekieperd = getuimeld ...
gepurzelte = geduikelde = gekieperde ...
gepurzelten = gekieperde ...
gepurzeltes = gekieperd ...
geputzt = gepoetst ...
geputzte = gepoetst ...
geputzten = gepoetst ...
geputzter = gepoetst ...
geputztes = gepoetst ...
gequakt = gekwaakt ...
gequält = gekweld = gesard = getreiterd ...
gequälte = gekwelde = getreiterde ...
gequältem = gekwelde ...
gequälten = gekweld = gekwelde ...
gequälter = gekwelde ...
gequältes = gekweld = gekwelde ...
gequengelt = gedreind = gejengeld = gemaald = gezanikt ...
gequetscht = bekneld = platgedrukt ...
gequetschte = platgedrukte ...
gequietscht = gepiept ...
gequollen = opgeborreld ...
gerächt = gewroken ...
gerächte = gewroken ...
gerächtem = gewroken ...
gerächten = gewroken ...
gerächter = gewroken ...
gerächtes = gewroken ...
geracuhten = gerookt ...
gerade = even = juist = net = recht = rechte lijn = vlak = met = nét = nipt = rechte = rechte lijnen = straal = vlakke = zojuist = zonet = zopas ...
gerade Numerierung = even nummering ...
gerade oder ungerade = even of oneven ...
gerade rechtzeitig = juist op tijd ...
geradeaus = rechtdoor = rechtuit = recht door ...
geradeheraus = rond = ronduit ...
geradelt = gefietst ...
geraden = even = rechte = rechte lijnen ...
geraden Numerierung = even nummering ...
gerädert = geradbraakt ...
geradewegs = rechtstreeks ...
geradezu = gewoonweg = ronduit = gewoon ...
geradlinig = rechtlijnig = gestrekt ...
geradlinige = gestrekte = rechtlijnig = rechtlijnige ...
geradlinigem = rechtlijnig = rechtlijnige ...
geradlinigen = gestrekte = rechtlijnig = rechtlijnige ...
geradliniger = gestrekte = rechtlijnig = rechtlijnige ...
geradliniges = gestrekt = rechtlijnig = rechtlijnige ...
gerafft = gegrist ...
geragt = gestoken ...
gerahmt = ingelijst ...
gerahmte = ingelijst = ingelijste ...
gerahmtem = ingelijst = ingelijste ...
gerahmten = ingelijst = ingelijste ...
gerahmter = ingelijst = ingelijste ...
gerahmtes = ingelijst = ingelijste ...
gerammelt voll = afgestampt vol ...
gerammt = geheid = geraakt = geramd ...
gerammte = geheide = geraakte = geramde ...
gerammten = geraakte ...
gerändelt = gekarteld = gerand ...
gerändelte = gekarteld = gekartelde = gerande ...
gerändeltem = gekarteld = gekartelde ...
gerändelten = gekarteld = gekartelde ...
gerändelter = gekarteld = gekartelde ...
gerändeltes = gekarteld = gekartelde ...
Gerangel = geharrewar ...
Gerangels = geharrewar ...
gerann = schifte = stolde ...
gerannt = gehold = gerend ...
geraschelt = gerateld = geritseld ...
Gerassel = gerammel ...
gerasselt = gerammeld ...
gerast = opgespeeld = tekeer gegaan = tekeergegaan ...
Gerät = apparaat = gereedschap = toestel = tuig = aardt = geraakt = raakt = raakt verzeild = verzeild raakt = werktuig ...
gerät aneinander = raakt slaags ...
gerät auf Legerwall = geraakt aan lagerwal ...
gerät irgendwohin = raakt verzeild ...
gerate = aard = geraak = raak = raak verzeild = verzeild raak ...
gerate aneinander = raak slaags ...
gerate auf Legerwall = geraak aan lagerwal ...
gerate irgendwohin = raak verzeild ...
Geräte = apparaaten = apparaten = gereedschappen = werktuigen ...
geraten = geraken = aangeraden = aarden = aardt = adviseerd = geraakt = geraden = raakt = raakt verzeild = raken = raken verzeild = verzeild ger ...
aakt = verzeild raakt = verzeild raken ...
geraten aneinander = raken slaags ...
geraten auf Legerwall = geraakt aan lagerwal = geraken aan lagerwal ...
geraten irgendwohin = raakt verzeild = raken verzeild ...
Geräten = apparaten = werktuigen ...
geratene = geraakte ...
geratenen = geraakt = geraakte ...
geratenes = geraakt ...
geratet = raken ...
gerätst = aardt = geraakt = raak = raakt = raakt verzeild = verzeild raakt ...
gerätst auf Legerwall = geraakt aan lagerwal ...
gerätst irgendwohin = raakt verzeild ...
gerattert = geknetterd = gerateld ...
geraubt = geroofd = ontroofd ...
geraubte = geroofd = geroofde = ontroofde ...
geraubtem = geroofd = geroofde ...
geraubten = geroofd = geroofde ...
geraubter = geroofd = geroofde ...
geraubtes = geroofd = geroofde ...
geraucht = gerookt ...
gerauchte = gerookt ...
gerauchter = gerookt ...
gerauchtes = gerookt ...
gerauft = geknokt ...
geraume = geruime ...
geräumig = ruim = wijd ...
geräumige = ruime ...
geräumigen = ruime ...
geräumiger = ruimer = ruimere ...
geräumigere = ruimere ...
geräumigerer = ruimere ...
geräumigeres = ruimere ...
geräumiges = ruim = ruime ...
geräumlicheren = ruimere ...
geräumt = geruimd = ingeruimd = ontruimd ...
geräumte = geruimd = geruimde = ingeruimde = ontruimd = ontruimde ...
geräumtem = ontruimd = ontruimde ...
geräumten = geruimd = geruimde = ontruimd = ontruimde ...
geräumter = geruimd = geruimde = ontruimd = ontruimde ...
geräumtes = geruimd = geruimde = ontruimd = ontruimde ...
Geräusch = gedruis = geluid = geruis ...
Geräusche = geluiden ...
Geräusches = gedruis ...
geräuschlos = geruisloos ...
geräuschlose = geruisloos = geruisloze ...
geräuschlosen = geruisloos = geruisloze ...
geräuschloser = geruisloos = geruisloze ...
geräuschloses = geruisloos = geruisloze ...
gerauscht = geruist ...
gerbe = looi = taan ...
gerben = looien = looit = taant = tanen ...
gerbst = looi = looit = taant ...
gerbt = looien = looit = taant ...
gerbte = looide = taande ...
gerbten = looide = looiden = taande = taanden ...
gerbtest = looide = taande ...
gerbtet = looiden = taanden ...
Gerde = praat ...
gerechnet = gerekend ...
gerechnet ab = reken vanaf ...
gerecht = billijk = rechtvaardig = rechtvaarig ...
gerechte = billijk = billijke = rechte = rechtvaardig = rechtvaardige ...
gerechtem = billijk = billijke = rechtvaardig = rechtvaardige ...
gerechten = billijk = billijke = rechtvaardig = rechtvaardige ...
gerechter = billijk = billijke = rechtvaardig = rechtvaardige ...
gerechterweise = redelijkerwijs ...
gerechtes = billijk = billijke = rechtvaardig = rechtvaardige ...
gerechtfertigt = verantwoord = gerechtvaardigd = gewettigd ...
gerechtfertigte = gerechtvaardigd = gerechtvaardigde = gewettigde ...
gerechtfertigtem = gerechtvaardigd = gerechtvaardigde ...
gerechtfertigten = gerechtvaardigd = gerechtvaardigde ...
gerechtfertigter = gerechtvaardigd = gerechtvaardigde ...
gerechtfertigtes = gerechtvaardigd = gerechtvaardigde ...
Gerechtigkeit = gerechtigheid = rechtvaarigheid = rechtvaardigheid ...
gereckt = gerekt ...
Gerede = gepraat = opspraak = praatje = gezanik ...
Geredes = opspraak ...
geredet = gepraat = geredeneerd = gesmoesd ...
gerefft = gereefd ...
gereffte = gereefd = gereefde ...
gerefftem = gereefd = gereefde ...
gerefften = gereefd = gereefde ...
gereffter = gereefd = gereefde ...
gerefftes = gereefd = gereefde ...
geregelt = bedisseld = beredderd = geregeld = gewezen = ordelijk ...
geregelt ist = is geregeld ...
geregelte = geregeld = geregelde = ordelijke ...
geregelten = geregeld = geregelde ...
geregelter = geregeld = geregelde ...
geregeltes = geregeld = geregelde ...
geregnet = geregend ...
gereichen = strekken ...
gereicht = gereikt = rondgekomen = strekt ...
gereichte = strekte ...
gereichten = gereikt = strekten ...
gereichtes = gereikt ...
gereift = gerijpt ...
gereimt = gerijmd ...
gereinigt = schoon = zuiver = gereinigd = gestoomd = schoongemaakt = verschoond ...
gereinigte = zuivere = gereinigd = gereinigde = gestoomd = gestoomde = verschoonde ...
gereinigtem = gereinigd = gereinigde ...
gereinigten = gereinigd = gereinigde = gestoomd = gestoomde ...
gereinigter = gereinigd = gereinigde = gestoomde ...
gereinigtes = gereinigd = gereinigde = gestoomd = gestoomde ...
gereist = gereisd ...
gereizt = geprikkeld = geraakt = bekoord = gesard = getergd ...
gereizte = aangelokte = geprikkeld = geprikkelde = getergde ...
gereiztem = geprikkeld = geprikkelde ...
gereizten = geprikkeld = geprikkelde ...
gereizter = geprikkeld = geprikkelde ...
gereiztes = geprikkeld = geprikkelde ...
gerettet = gered ...
Gericht = gerecht = gerichte* juristisch = rechtbank = balie = gericht ...
Gerichte = gerechten ...
Gerichten = gerechten ...
gerichtet = gericht = gerooid ...
gerichtete = gericht = gerichte = gerooide ...
gerichtetem = gericht = gerichte ...
gerichteten = gericht = gerichte ...
gerichteter = gericht = gerichte ...
gerichtetes = gericht = gerichte ...
gerichtlich = gerechtelijk ...
gerichtliche = gerechtelijk = gerechtelijke ...
gerichtlichem = gerechtelijk = gerechtelijke ...
gerichtlichen = gerechtelijk = gerechtelijke ...
gerichtlicher = gerechtelijk = gerechtelijke ...
gerichtliches = gerechtelijk = gerechtelijke ...
Gerichts- = gerechtelijk = gerechtelijke ...
Gerichtsbarkeit = jurisdictie ...
Gerichtssaal = rechtszaal ...
Gerichtssaals = rechtszaal ...
Gerichtssäle = rechtszalen ...
Gerichtssälen = rechtszalen ...
Gerichtsschreiber = griffie ...
Gerichtsverhandlung = proces ...
Gerichtsvollzieher = deurwaarder = deurwaarders ...
Gerichtvollzieher = deurwaarder ...
gerieben = geslepen = gewiekst = gewreven ...
geriet = aardde = geraakte = raakte = raakte verzeild = verzeild raakte ...
geriet aneinander = raakte slaags ...
geriet auf Legerwall = geraakte aan lagerwal ...
geriet irgendwohin = raakte verzeild ...
gerieten = aardde = aardden = geraakte = geraakten = raakte = raakte verzeild = raakten = raakten verzeild = verzeild raakte = verzeild raakten ...
gerieten aneinander = raakten slaags ...
gerieten auf Legerwall = geraakte aan lagerwal = geraakten aan lagerwal ...
gerieten irgendwohin = raakte verzeild = raakten verzeild ...
gerietest = aardde = verzeild raakte ...
gerietet = aardden = raakten = raakten verzeild = verzeild raakten ...
gerietet irgendwohin = raakten verzeild ...
gerietst = geraakte = raakte = raakte verzeild ...
gerietst auf Legerwall = geraakte aan lagerwal ...
gerietst irgendwohin = raakte verzeild ...
gering = gering = min ...
geringe = geringe = laage = schraal = gering ...
geringe Habe = armoede ...
geringem = gering = geringe ...
geringen = laagen = minst = gering = geringe ...
geringer = verminderd = gering = geringe = geringer = minder ...
geringere = geringer = geringere = mindere ...
geringerem = geringer = geringere ...
geringeren = geringer = geringere = minder ...
geringerer = geringer = geringere ...
geringeres = geringer = geringere = minder ...
geringes = gering = laag = geringe ...
geringfügig = marginaal = onbeduidend ...
geringgeschätzt = geminacht ...
geringgeschätzte = geminachte ...
geringgeschätzten = geminacht = geminachte ...
geringgeschätzter = geminachte ...
geringgeschätztes = geminacht = geminachte ...
geringschätzen = minachten ...
geringschätzig = demigrerend ...
geringschätzige = demigrerend = demigrerende ...
geringschätzigem = demigrerend = demigrerende ...
geringschätzigen = demigrerend = demigrerende ...
geringschätziger = demigrerend = demigrerende ...
geringschätziges = demigrerend = demigrerende ...
geringschätzte = minachtte ...
geringschätzten = minachtte = minachtten ...
Geringschätzung = geringschatting = minachting ...
Geringschätzungen = pejoratieven ...
geringst = minste ...
geringstbevölkert = dunstbevolkt ...
geringstbevölkerte = dunstbevolkte ...
geringstbevölkerten = dunstbevolkte ...
geringstbevölkertes = dunstbevolkt ...
geringste = geringste = minste ...
geringstem = geringste ...
geringsten = geringste = minst = minste ...
geringster = geringste = minst = minste ...
geringstes = geringste = minst = minste ...
gerinnen = stollen = schiften = stremmen ...
gerinnt = schift = stolt = stremt ...
Gerippe = geraamte = raamwerk ...
Gerippes = raamwerk ...
gerissen = doortrapt = gehaaid = uitgeslapen = gerukt = gescheurd = gewiekst = sluw ...
gerissene = gehaaid = gehaaide = gerukte = gescheurd = gescheurde = gewiekst = gewiekste = sluw = sluwe ...
gerissenem = gehaaid = gehaaide = gescheurde = ge